Welkom

De nieuwe Spaanse starterswet voor ondernemers

  1. Overzicht
  2. Bij meerdere werkzaamheden hoeft u geen zelfstandigenbijdrage te betalen
  3. Zelfstandigen krijgen drie kansen om te profiteren van de nieuwe wet
  4. Verbetering van de fiscale behandeling van aandelenopties
  5. Aftrek vennootschapsbelasting tot 15 procent
  6. Het wegnemen van belemmeringen voor buitenlandse investeringen
  7. Belastingvoordelen
  8. De periode dat een bedrijf als ‘recent opgericht’ wordt beschouwd, wordt verlengd
  9. Wie kan profiteren van de nieuwe Spaanse starterswet?

1.Overzicht

Buitenlandse ondernemers wachten al jaren op de voltooiing van de langverwachte Spaanse starterswet. Het laatste nieuws is dat ze in september 2022 in werking zal treden en er zijn ook nieuwe details vrijgegeven over de voordelen die ze met zich mee zal brengen.

De nieuwe starterswet, die de Spaanse regering in 2019 voor het eerst aankondigde, zal uiteindelijk in september 2022 in werking kunnen treden, zoals aangegeven door minister van Economische Zaken Nadia Calviño.

Voor het eerst zal Spanje een wet hebben die rechtstreeks gericht is op de bijzonderheden van kleine op technologie gebaseerde bedrijven.

De nieuwe starterswet hoopt buitenlandse bedrijven aan te trekken, waardoor het voor startups gemakkelijker wordt om voor Spanje te kiezen door hen extra economische prikkels te geven, zoals belastingverlagingen.

Hoewel er nog een lange weg te gaan is voordat de definitieve tekst van de Starterswet wordt gepubliceerd, en er mogelijk nog verschillende wijzigingen moeten worden doorgevoerd, is hier het laatste nieuws over het wetsontwerp tot nu toe en de voordelen die het zal opleveren.

2. Bij meerdere werkzaamheden hoeft u geen zelfstandigenbijdrage te betalen

Een van de belangrijkste aankondigingen is het afschaffen van de inschrijving voor drie jaar als zelfstandige (autónomo) in de Bijzondere Regeling Zelfstandigen (RETA), op voorwaarde dat de ondernemer die de starter begint op zijn beurt wordt ingehuurd als werknemer bij een ander bedrijf.

Dit is het geval voor 25.000 zelfstandigen in Spanje die momenteel werken voor zichzelf combineren met ingehuurd worden door iemand anders.

Over het algemeen is het goed nieuws, aangezien de sociale zekerheidsbijdrage van Spanje met € 294 per maand tot de hoogste van Europa behoort.

3. Zelfstandigen krijgen drie kansen om te profiteren van de nieuwe wet

Het faillissement van een bedrijf is iets dat voor het eerst wordt overwogen in wetteksten in Spanje.

De startnota maakt serieel ondernemerschap makkelijker, waardoor een zzp’er die een bedrijf is gestart en dat uiteindelijk niet werkt, het opnieuw kan proberen en van dezelfde voordelen kan blijven profiteren. Concreet mogen ondernemers maximaal drie keer profiteren van de starterswet. Een zzper is een zelfstandig ondernemer die geen personeel in dienst heeft. De afkorting staat dan ook voor zelfstandige zonder personeel.

4. Verbetering van de fiscale behandeling van aandelenopties

Aandelenopties zijn vaak een vorm van beloning voor werk die veelvuldig wordt gebruikt bij starters. Het bestaat erin bestuurders of werknemers de mogelijkheid te bieden om aandelen te verkrijgen van het bedrijf waarvoor ze werken. Concreet stijgt het bedrag van de belastingvrijstelling van € 12.000 naar € 45.000.

Bovendien zal er pas belasting over deze aandelen worden betaald wanneer de verkoop ervan plaatsvindt, of wanneer het bedrijf naar de beurs gaat.

5. Aftrek vennootschapsbelasting tot 15 procent

Het geeft starters en investeerders een verlaging van de vennootschapsbelasting van de huidige 25 procent naar 15 procent.

6. Het wegnemen van belemmeringen voor buitenlandse investeringen

Een van de grootste problemen die buitenlandse investeerders tegenkomen als ze willen investeren in een Spaanse startup, is de bureaucratie.

Als gevolg hiervan beoogt de nieuwe wet de verplichting voor internationale investeerders om een NIE (buitenlands ID-nummer) aan te vragen om dit soort acties uit te voeren, te elimineren. Zowel beleggers als hun vertegenwoordigers hoeven alleen de Spaanse belastingidentificatienummers (NIF’s) te verkrijgen.

7. Belastingvoordelen

De nieuwe wet omvat een reeks belastingvoordelen om nationale investeringen aantrekkelijker te maken.

De maximale aftrekgrondslag voor investeringen voor startende of recent opgerichte bedrijven wordt verhoogd van € 60.000 naar € 100.000 per jaar en het type aftrek wordt verhoogd van 30 naar 50 procent.

8. De periode dat een bedrijf als ‘recent opgericht’ wordt beschouwd, wordt verlengd

De periode die voor in aanmerking komende bedrijven als ‘recent opgericht’ wordt beschouwd, gaat van 3 naar 5 jaar. Voor biotechnologie-, energie- of industriële bedrijven is de periode nog langer, 7 jaar.

9. Wie kan profiteren van de nieuwe Spaanse starterswet?

De starterswet staat open voor iedereen uit de EU of derde landen, zolang ze de afgelopen vijf jaar niet in Spanje hebben gewoond. Het geeft hen toegang tot een speciaal visum voor maximaal vijf jaar.

Dit visum staat open voor leidinggevenden en werknemers van startups, investeerders en externe werknemers, evenals voor hun familieleden.

Wat kost een Spaanse universiteit aan een buitenlander?

  1. Algemeen
  2. Toegang tot de universiteit voor buitenlandse ingezetenen in Spanje
  3. Toegang tot Spaanse universiteiten voor EU-burgers
  4. Toegang tot Spaanse universiteiten voor niet-EU, niet-ingezeten burgers
  5. Wat zijn de collegegelden voor universiteiten in Spanje?

1.Algemeen

Als je erover denkt om naar de universiteit in Spanje te gaan en je wilt weten welke kwalificaties je moet bezitten, hoeveel het lesgeld bedraagt en wat de verschillen zijn voor internationale studenten, dan heeft dit artikel de informatie die je zoekt.

Volgens de laatste beschikbare statistieken waren er tijdens het academiejaar 2019-2020 ongeveer 1,3 miljoen studenten in het hoger onderwijs in Spanje, het aantal buitenlandse studenten dat in het Spaanse universiteitssysteem (SUE) heeft gestudeerd, bedroeg toen 208.366.

Spaanse universiteiten hebben over het algemeen een goede reputatie en het land is zelfs de thuisbasis van een van ’s werelds oudste universiteiten, de Universiteit van Salamanca, die in 1218 werd geopend.

2. Toegang tot de universiteit voor buitenlandse ingezetenen in Spanje

Als je een buitenlander bent die in Spanje verblijft en je ouder bent dan 18 jaar, dan heb je toegang tot Spaanse universiteiten onder dezelfde voorwaarden als Spanjaarden.

Je kunt ook dezelfde beurzen aanvragen als Spaanse studenten.

Als je in Spanje naar de middelbare school ging, doe je dezelfde test als Spanjaarden om naar de universiteit te gaan: de Evaluación de Bachillerato para el Acceso a la Universidad (EBAU of EvAU), ook wel selectividad genoemd.

3. Toegang tot Spaanse universiteiten voor EU-burgers

Als je een EU-burger bent, moet je in de meeste gevallen een accreditatie krijgen van de UNEDassis-service (University Application Service for International Students in Spain) om hier naar de universiteit te gaan.

Om dit te doen, moet je de website van de National Distance Education University (UNED) bezoeken waar je je onderwijskwalificaties en transcripties moet indienen. Het deel van de site opent elk jaar in april. Je ontvangt dan je Credencial de Accesso (toegangsgegevens), die je binnen 3 tot 4 maanden bij de door jou gekozen universiteit moet indienen.

4. Toegang tot Spaanse universiteiten voor niet-EU, niet-ingezeten burgers

Buitenlanders die niet uit een EU-land komen en geen residentie in Spanje hebben, kunnen nog steeds naar Spaanse universiteiten gaan, maar het is iets ingewikkelder.

Ten eerste moet u het homologatieproces doorlopen om uw kwalificaties in Spanje erkend te krijgen. Dit wordt uitgevoerd door het Ministerie van Onderwijs en Beroepsopleiding, behalve als de universiteit die je wilt bezoeken zich in Catalonië, Galicië of Baskenland bevindt, dam moei je in die gevallen homologatie in de regio zelf aanvragen. U kunt contact opnemen met uw plaatselijke Spaanse consulaat om u te helpen bij het proces.

Zodra uw kwalificaties in Spanje zijn erkend, moet u door het ontvangen van de Accreditatie (Volante de convalidación) slagen voor de Bachillerato Assessment for University Access (EBAU) of de Specific Competence Tests (PCE).

Als je eenmaal je plaats aan een Spaanse universiteit hebt gekregen, moet je daarnaast ook een studentenvisum aanvragen om legaal in Spanje te kunnen wonen tijdens je studie.

Onlangs heeft de Spaanse regering aangekondigd dat zij wetgeving voorbereidt die ervoor zorgt dat niet-EU-universiteitsstudenten hun verblijfsvergunning niet langer jaarlijks hoeven te verlengen en dat ze automatisch één of twee jaar na hun afstuderen in Spanje kunnen blijven. .

5. Wat zijn de collegegelden voor universiteiten in Spanje?

Spanje heeft zowel openbare als particuliere universiteiten en de kosten verschillen sterk tussen de twee.

Aan zowel openbare als particuliere universiteiten wordt het collegegeld dat je elk jaar betaalt, verkregen door het aantal studiepunten dat je inschrijft te vermenigvuldigen met de kosten per studiepunt. Doorgaans neem je tijdens elk studiejaar 60 studiepunten op.

Om het nog ingewikkelder te maken, heeft elk vak binnen de universiteit een andere prijs, afhankelijk van wat je studeert. Omdat er geen kosten zijn vastgesteld door de autoriteiten is eke instelling vrij om het collegegeld naar keuze vast te stellen.

Bovendien rekent elke regio in Spanje verschillende bedragen aan en sommige zijn aanzienlijk goedkoper dan andere.

Volgens gegevens van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Sport ligt de gemiddelde prijs gewoonlijk tussen € 750 per jaar aan openbare universiteiten in Andalusië, Cantabrië en Galicië en ongeveer € 2.000 per jaar aan openbare universiteiten in Madrid, Catalonië en Castilla y León.

Zo kost het studeren van medicijnen aan een openbare universiteit in Andalusië € 757 per jaar, terwijl de kosten in Catalonië ongeveer drie keer zo hoog zijn, namelijk € 2.372 per jaar.

Bij particuliere universiteiten bedragen de inschrijvingskosten voor niet-gegradueerde studies ongeveer € 9.500 per academisch jaar, afhankelijk van de gekozen opleiding en instelling, maar het kan hoger zijn. Over het algemeen betalen particuliere universiteiten echter niet meer dan € 20.000 per academisch jaar.

Internationale studenten uit de EU betalen doorgaans hetzelfde bedrag als nationale studenten in Spanje, net als degenen die eerder in Spanje hebben gewoond.

Voor mensen uit niet-EU-landen kan het een beetje anders zijn, maar omdat er geen vaste kosten zijn, is dit afhankelijk van veel verschillende factoren, zoals hierboven vermeld.

Volgens Studyportals, een internationale studentenwebsite, zijn er meldingen dat niet-EU-burgers hetzelfde in rekening worden gebracht als EU-burgers, en dat anderen ongeveer € 1.000 tot € 1.500 hoger in rekening worden gebracht dan die van de EU studenten. Het is zelfs mogelijk dat het collegegeld twee tot drie keer hoger ligt. Je kunt het beste rechtstreeks contact opnemen met de universiteit waarin je geïnteresseerd bent en naar de prijs vragen.

Je moet weten dat Spanje veel verschillende soorten beurzen aanbiedt voor studenten, waarvan er vele openstaan voor Spanjaarden, maar ook voor internationale studenten. Uw plaatselijke Spaanse consulaat zou u informatie moeten kunnen geven over de universiteiten die mogelijk voor u beschikbaar zijn.

Welke mogelijkheden zijn er voor kinderopvang in de zomer in Spanje?

  1. Algemeen
  2. Zomerschoolkampen
  3. Gespecialiseerde of thema zomerkampen
  4. Tijdelijke oppas of Au-pair
  5. Vraag gezinsleden om hulp

1.Algemeen

Kinderen in Spanje hebben tijdens de zomer ongeveer drie maanden vakantie, maar het vinden van kinderopvang is in deze periode voor vele ouders een echte uitdaging, vooral als ze moeten werken. Dus wat is er beschikbaar?

De vakantie begint tegen eind juni en duurt tot ongeveer de tweede week van september. Dit is een van de langste zomervakanties in Europa.

Tenzij u leraar of zelfstandige bent, kunnen de meeste loontrekkende werknemers in Spanje, slechts enkele weken vakantie per keer opnemen, wat betekent dat ouders vaak vast zitten met wat ze met de kinderen moeten doen voor de rest van de zomer.

Als u zich in deze situatie bevindt, wat zijn uw opties voor kinderopvang in de zomer en hoe betaalbaar is het?

2. Zomerschoolkampen

De meeste reguliere scholen in Spanje bieden campamentos de verano of zomerkampen aan. Dit betekent dat uw kinderen ook na het einde van het schooljaar naar hun normale school kunnen blijven gaan. Maar in plaats van hun lessen te volgen, kunnen ze leuke dagelijkse activiteiten, knutselen en spelletjes doen, evenals is er meestal een verscheidenheid aan dagtochten voorzien.

Als de school van je kinderen deze optie niet biedt, is er altijd de mogelijkheid om je aan te melden voor een campamento op een andere school in de buurt.

Vergeet niet dat je je kinderen van tevoren moet inschrijven om er zeker van te zijn dat ze een plekje kunnen bemachtigen.

De prijs voor deze vakantiekampen is ongeveer € 70 tot € 100 per week als uw kind de hele dag gaat, en dit is meestal inclusief lunch. Houd er rekening mee dat deze zomerkampen op school meestal niet de ganse zomer beschikbaar zijn, dus het kan zijn dat je toch nog kinderopvang moet organiseren voor de maand augustus of een paar weken in augustus.

Het voordeel hiervan is dat uw kinderen vaak bij hun vrienden kunnen zijn en de omgeving al kennen, maar het voelt misschien niet echt aan als een vakantie of een pauze van school voor hen, omdat ze in dezelfde omgeving blijven.

3. Gespecialiseerde of thema zomerkampen

Een andere optie, in plaats van naar een zomerkamp op school te gaan, is een zomerkamp met een thema, gebaseerd op de hobby’s van je kinderen of de activiteiten waar ze van houden. Er zijn veel verschillende zomerkampen in het hele land, gericht op alles, van sport en talen tot muziek of zelfs theater.

In Barcelona biedt de stadsdierentuin bijvoorbeeld een zomerkamp, net als FC Barcelona, waar kinderen de hele dag voetbal kunnen leren van de profs.

In Valencia biedt het Bioparc een zomerkamp aan, net als een paar van de plaatselijke buitenzwembaden.

Probeer online te zoeken naar Campamento de verano (zomerkamp) plus de naam van de stad, er zijn opties in bijna heel Spanje.

Aangezien dit particuliere bedrijven zijn, die niet door de staatsscholen worden gesponsord, kosten ze doorgaans aanzienlijk meer dan de zomerkampen op school.

Verwacht overal vanaf € 200 per week te betalen, en verdubbel dit voor populaire zomerkampen. De algemene regel is dat hoe beter de faciliteiten, het personeel en het vervoer is hoe duurder het kamp wordt.

4. Tijdelijke oppas of Au-pair

Als zomerkampen of scholen geen optie zijn, of je wilt liever dat je kinderen meer aandacht krijgen of in huis zijn, dan is het inhuren van een zomeroppas of au-pair ook een goede keuze.

Er zijn veel jonge mensen die een zomerbaan willen om wat bij te verdienen en er zitten veel beroepsnanny’s in de zomer zonder werk zitten bij hun vaste gezin.

Dit kan een goede kans zijn voor uw kinderen om een andere taal te leren door een au-pair uit een ander land in te huren. Veel Spaanse gezinnen huren Engelse au-pairs in om tijdens de zomer op hun kinderen te passen, dus u kunt een Engelse oppas inhuren als uw kinderen hun taalvaardigheid moeten opfrissen of zelfs een Franse of Italiaanse oppas, als u wilt dat ze een nieuwe taal leren.

Het salaris van een Au Pair in Spanje is € 70 per week als je op het platteland woont, en € 80 per week als je in de stad woont, wat neerkomt op tussen € 280 en € 320 euro per maand. Verwacht in steden als Madrid en Barcelona een loon voor een oppas rond de € 10 per uur.

5. Vraag gezinsleden om hulp

Veel Spanjaarden vertrouwen op familieleden zoals grootouders om tijdens de zomervakantie voor hun kinderen te zorgen.

Als u geen familieleden in Spanje heeft, kunt u voor de zomer misschien enkele familieleden overhalen om hier in Spanje voor uw kinderen te komen zorgen, of uw kinderen kunnen genieten van een vakantie bij of met uw familieleden.

Spaanse staatsburgerschapstest: hoe zorg je ervoor dat je slaagt

  1. Overzicht
  2. Hoe meld ik me aan voor het examen?
  3. Zorg ervoor dat je weet wanneer de data zijn
  4. Leer de stijl van het examen en de soorten vragen kennen
  5. Download de officiële bijgewerkte handleiding
  6. Zoek tijd om te studeren
  7. Vergeet niet de juiste documentatie mee te nemen
  8. Zorg ervoor dat u weet hoe u het examenblad correct invult
  9. Wees geduldig bij het wachten op de resultaten
  10. Je hebt een tweede kans
  11. Focus op het verbeteren van je Spaans
  12. Fouten in de test

1.Overzicht

Om de Spaanse nationaliteit te krijgen, moet je slagen voor een examen van het Cervantes Instituut. Hier zijn enkele tips die ervoor kunnen zorgen dat je deze algemene kennistest over Spanje met glans doorstaat.

Als u voldoet aan de voorwaarden om de Spaanse nationaliteit te verkrijgen, moet u, als u niet oorspronkelijk uit een Spaanssprekend land komt, twee tests afleggen.

De eerste test is de Prueba de Conocimientos Constitucionales y Socioculturales de España (CCSE) of Test van constitutionele en sociaal-culturele kennis van Spanje (alle aanvragers doen dit) en de tweede is het DELE-taalexamen (Diploma de Español como Lengua Extranjera) voor degenen wier moedertaal niet het Spaans is.

In dit artikel gaan we specifiek in op het CCSE-examen, dat onderwerpen behandelt als overheid, Spaanse geografie, Spaanse cultuur en geschiedenis. Het bestaat uit 25 vragen, die je binnen een gestelde tijdslimiet van 45 minuten moet beantwoorden om je kennis te testen.

Vijftien van de vragen zijn bedoeld om uw kennis van de Spaanse regering, de wetgeving en de rechten van de burger te testen, terwijl de overige tien betrekking hebben op de Spaanse cultuur, geschiedenis en samenleving.

2.Hoe meld ik me aan voor het examen?

Om deel te kunnen nemen aan het examen, moet u zich eerst online registreren en inloggen. U kan dat hier doen.

Je moet kiezen uit een selectie en plaatsen en data waar en wanneer je examen zal plaatsvinden en vervolgens je vergoeding van € 85 betalen om correct te worden ingeschreven.

Hier zijn enkele tips om u te helpen slagen voor het examen en ervoor te zorgen dat u slaagt.

3. Zorg ervoor dat je weet wanneer de examen data zijn

Er zijn slechts bepaalde data per jaar waarop deze examens plaatsvinden en deadlines wanneer u zich daarvoor moet hebben aangemeld. Zorg dat je weet wanneer deze zijn, zodat je de deadline niet mist en lang moet wachten om je weer in te kunnen schrijven.

Er zijn veel examencentra in het hele land. Klik hier om de dichtstbijzijnde te vinden. Elk van deze centra zal je kunnen vertellen wanneer ze hun examens zullen houden en wanneer je je moet registreren.

4. Leer de stijl van het examen en de soorten vragen kennen

Elk jaar zijn er 300 meerkeuzevragen en daarvan worden er 25 geselecteerd voor het examen. Als je er 15 goed beantwoordt, slaag je voor het examen. Er zijn veel plaatsen online waar u de stijl van het examen kunt vinden. Zo maak je kennis met de soorten vragen die gesteld kunnen worden en de onderwerpen die aan bod komen.

5. Download de officiële bijgewerkte handleiding

Op de Insituto Cervantes-website vindt u de bijgewerkte handleiding “para la preparación de la Prueba de Conocimientos” waarvoor er elk jaar een nieuwe handleiding gemaakt wordt. Dit zijn de exacte 300 vragen en antwoorden die in het examen van dat jaar zullen worden gebruikt. Klik hier om de handleiding voor 2022 te zien. Gebruik deze als je studiebijbel.

Elk jaar worden er 25 nieuwe vragen toegevoegd en 25 oude verwijderd, dus je moet ervoor zorgen dat je de bijgewerkte lijst hebt voor het jaar waarin je het examen gaat doen.

6. Zoek tijd om te studeren

Het kan een hele uitdaging zijn om de antwoorden op mogelijk 300 verschillende vragen te onthouden, dus u moet ervoor zorgen dat u ruim voor uw examen voldoende tijd neemt om te studeren.

Naast het bestuderen van de handleiding, zul je veel online simulaties vinden waar je kunt oefenen en een idee kunt krijgen van hoe je het zou kunnen doen. Er zijn ook verschillende apps die bedrijven hebben gemaakt en YouTube-video’s zodat je ook onderweg kunt studeren.

7. Vergeet niet de juiste documentatie mee te nemen

Op de dag van het examen is het erg belangrijk dat u de juiste documenten meeneemt om het examen te kunnen afleggen. U heeft zich al online ingeschreven, maar op de dag van het examen dient u de verificatie van uw inschrijving, uw originele paspoort en uw verblijfskaart mee te nemen.

Als een van deze verlengd wordt, dan moet u ervoor zorgen dat u in plaats daarvan fotokopieën meeneemt.

8. Zorg ervoor dat u weet hoe u het examenblad correct invult

Er is een bepaalde manier om het meerkeuze-examenblad in te vullen waarvan u op de hoogte moet zijn. Het plaatsen van een vinkje of een ‘x’ in de cirkel wordt niet geaccepteerd. In plaats daarvan moet je de kleine cirkel inkleuren, zodat de examens machinaal kunnen worden gelezen. Ze worden niet individueel gecontroleerd door mensen.

9. Wees geduldig bij het wachten op de resultaten

Ook al zijn het eenvoudige meerkeuzevragen en er zijn er maar 25, je moet ongeveer 20 dagen wachten om erachter te komen of je geslaagd bent of niet. Dit zou tenslotte relatief eenvoudig moeten zijn, als je het staatsburgerschap aanvraagt, moet je een tijdje in Spanje hebben gewoond (meestal 10 jaar of langer) en ben je gewend om geduldig te zijn.

10. Je hebt een tweede kans

Als je de test de eerste keer niet haalt, krijg je een tweede kans om je opnieuw in te schrijven en het examen opnieuw te doen. U hoeft de vergoeding ook niet opnieuw te betalen, omdat u deze de eerste keer al heeft betaald.

11. Focus op het verbeteren van je Spaans

Hoewel dit onderdeel geen specifieke taaltest is, zijn alle vragen in het Spaans, dus je moet de taal redelijk goed beheersen om voor de test te slagen. Je zult zeker meer Spaans moeten kennen dan het A2-niveau dat vereist is voor de Spaanse taaltest om de vragen volledig te begrijpen, en als je Spaans onderdaan wilt worden, moet de taal sowieso een prioriteit zijn.

12. Fouten in de test

In het voorbereidingshandboek voor het Spaanse staatsburgerschap examen van 2022 werd Mariano Rajoy vermeld als, nog steeds, premier en dat de doodstraf deel uitmaakt van de Spaanse wet.

De CCSE-test, die € 85 kost, bestaat uit 25 meerkeuzevragen die binnen een vastgestelde tijdslimiet van 45 minuten moeten worden beantwoord om uw kennis van Spanje te testen.

Het Cervantes-instituut, de openbare culturele instelling die taal- en burgerschapsexamens organiseert, zei dat de fouten in het voorbereidingshandboek dat op 29 november werd gepubliceerd, te wijten waren aan een “computerstoring”. Het Instituut zei dat het de fouten sindsdien had gecorrigeerd.

Rajoy is sinds 2018 geen premier van Spanje meer en de doodstraf werd in 1978 verboden.

Het handboek wordt gegeven aan aanvragers die zich voorbereiden op de burgerschapstest (bekend als CCSE), die ze moeten behalen, samen met een taaltest, om in aanmerking te komen voor de Spaanse nationaliteit.

Vijftien van de vragen zijn bedoeld om uw kennis van de Spaanse regering, wetgeving en burgerrechten te testen, terwijl de overige tien betrekking hebben op de Spaanse cultuur, geschiedenis en samenleving.

Sommige vragen zijn meerkeuzevragen met drie mogelijke antwoorden, terwijl andere met waar of onwaar moeten worden beantwoord.

Twaalf van de 300 vragen in het voorbereidingshandboek bevatten fouten, waarvan iedereen met een basiskennis van de Spaanse samenleving ze zou ontdekken. Het bevatte valselijk aangeven dat openbaar onderwijs niet gratis is en dat rijbewijzen worden afgegeven door de politie en niet door de verkeersautoriteit, Dirección General de Tráfico (DGT), zoals dat het geval is.

Een van de meest schokkende fouten was een vraag die aangaf dat het juiste antwoord op “De huidige premier is…”, “Mariano Rajoy” was, in plaats van “Pedro Sánchez”.

Een andere meerkeuzevraag gaf aan dat het juiste antwoord op “De Spaanse grondwet is…” “een secundaire wet” was, in plaats van “een essentiële wet”.

Het Cervantes-instituut gaf aan dat de fouten werden veroorzaakt door het feit dat de vragen waren gewijzigd, maar het computerprogramma kon de antwoorden van de vorige test niet wijzigen.

Het Cervantes-instituut beschreef het als “een ongelukkige fout” en gaf toe dat het gevolgen kan hebben voor mensen die de test onlangs hebben gedaan. De test wordt automatisch gecorrigeerd, wat betekent dat het kandidaten kan straffen die het “juiste” antwoord volgens het handboek hebben gecontroleerd.

Een groep genaamd Legalteam, gevestigd in Barcelona, die advies geeft over burgerschapskwesties, merkte de fouten op en plaatste verschillende voorbeelden van de fouten op haar website.

“We hebben geconstateerd dat veel vragen de verkeerde antwoorden hebben en bij Legalteam hebben we ze gecorrigeerd omdat de antwoorden in de officiële handleiding onjuist zijn”, schreef Legalteam op 2 december op haar website.

“Als u foute antwoorden opmerkt, laat het ons dan weten, zodat we de handleiding kunnen corrigeren en het Instituut Cervantes hiervan op de hoogte kunnen stellen.”

Het Instituut zegde dat de fouten verholpen zijn door experts die de antwoorden van het handboek “één voor één” hebben gecontroleerd.

Het heeft echter vragen opgeroepen over hoe dergelijke duidelijke fouten onopgemerkt konden blijven voordat het handboek werd gepubliceerd.

Kunnen buitenlanders ambtenaar worden in Spanje?

  1. Algemeen
  2. Kunnen buitenlanders in Spanje een baan bij de overheid krijgen?
  3. Geldt dit voor alle banen in de openbare dienst?
  4. Welke kwalificaties heb ik nodig?
  5. Wat zijn oposiciones?
  6. Is er iets dat mij ervan weerhoudt een baan als ambtenaar in Spanje te krijgen?
  7. Wat zijn de voordelen om ambtenaar te zijn in Spanje?
  8. Wat zijn de nadelen om ambtenaar te zijn in Spanje?

1.Algemeen

“Funcionario” (ambtenaar) banen zijn zeer gewild in Spanje, en in 2022 heeft de Spaanse regering meer openbare banen gecreëerd dan ooit tevoren. Maar kunnen buitenlanders een aanvraag indienen? En is een baan voor de Spaanse Staat het overwegen waard?

Voor veel Spanjaarden is het de droom om een stabiele, papierverslindende ambtenaarsfunctie te bemachtigen.

Ze weten dat het niet spannend zal zijn of hen rijk zal maken, maar ze zien functioneel werk als ‘een baan voor het leven’ in een land waar de werkloosheid hoog is en een groot deel van de arbeidsmarkt gebaseerd is op tijdelijke zomerbanen in het toerisme.

Ze vinden het ook prettig dat ambtenarenbanen een behoorlijk salaris betalen in vergelijking met het landelijke gemiddelde en vaak ook minder uren werken.

Ambtenarenjobs in het openbaar bestuur, sociale zekerheid en defensie werden in 2020 gemiddeld € 29.580 bruto per jaar betaald.

Volgens statistieken, die zijn vrijgegeven door het Spaanse Nationale Instituut voor de Statistiek (INE), is dit hoger dan het nationale gemiddelde brutosalaris van € 24.395 per jaar, hoewel dat niet wil zeggen dat sommige ambtenaren aanzienlijk minder betaald krijgen dan het bovengenoemde salaris.

In mei 2022 kondigde de Spaanse regering haar grootste jaarlijkse aanbod van ambtenarenjobs ooit aan, 44.787 nieuwe jobs waarvan 22.000 jobs bedoeld zijn voor nieuwelingen.

De laatste schattingen wijzen op het feit dat 47 procent van de ambtenaren in Spanje de komende tien jaar met pensioen gaat, wat deels verklaart waarom de Spaanse staat zijn personeelsbestand wil versterken.

Dus als banen in de ambtenarij zo populair zijn, en er blijkbaar steeds meer beschikbaar zijn, hoe kun je er dan een krijgen als buitenlander?

2. Kunnen buitenlanders in Spanje een baan bij de overheid krijgen?

Het belangrijkste antwoord is ja, je kunt als buitenlander een baan bij de overheid in Spanje krijgen, maar er zijn een paar vereisten.

Degenen die in aanmerking komen voor banen als ambtenaar in Spanje zijn onder meer EU-onderdanen en degenen die gehuwd zijn met Spaanse of EU-onderdanen. U moet op het moment van sollicitatie gehuwd zijn en niet gescheiden.

Kinderen van EU-onderdanen die in aanmerking komen om in Spanje te werken (ouder dan 16 jaar) en die jonger zijn dan 21 jaar kunnen ook een aanvraag indienen, evenals degenen die ouder zijn dan 21 maar die financieel afhankelijk zijn van hun ouders.

Onderdanen van derde landen met een werk- en verblijfsvergunning in Spanje kunnen ook solliciteren naar banen bij de overheid.

3. Geldt dit voor alle banen in de openbare dienst?

Nee, de banen waarop buitenlanders niet kunnen solliciteren en waarvoor u de Spaanse nationaliteit moet hebben, zijn die banen die, volgens de Spaanse regering, “direct of indirect deelname aan de uitoefening van openbare macht of aan de bescherming van de algemene belangen van de staat en openbare besturen inhouden”.

4. Welke kwalificaties heb ik nodig?

Hoewel voor sommige banen in de ambtenarij in Spanje een universitair diploma vereist is, zijn er een groot aantal die dat niet vereisen.

Welke soorten kwalificaties u ook heeft, u moet het homologación-proces (erkenning) doorlopen, zodat uw diploma wordt gevalideerd en geaccepteerd in Spanje. Houd er rekening mee dat dit maanden kan duren, en voor niet-EU-kwalificatiehouders zelfs nog langer.

Mogelijk moet u ook andere bewijzen en certificaten tonen.

Volgens de Spaanse regering: “Deze vereiste is niet van toepassing op aanvragers die hun beroepskwalificatie op het gebied van gereglementeerde beroepen reeds erkend hebben, krachtens de bepalingen van het Gemeenschapsrecht”.

Het spreekt ook voor zich dat je een hoog niveau Spaans nodig hebt om een baan als ambtenaar te krijgen en je hebt mogelijk ook certificaten nodig om dit te bewijzen. Als u bijvoorbeeld in Catalonië een baan probeert te krijgen, moet u mogelijk naast Spaans ook Catalaans kennen.

5. Wat zijn oposiciones?

Oposiciones zijn de toelatingsexamens die je moet afleggen om ambtenaar in Spanje te worden. Elk type functie heeft zijn eigen vereisten, sommige gemakkelijker en sommige moeilijker, die een reeks examens met zich meebrengen om uw capaciteiten en geschiktheid te testen.

Sommige functies vereisen mogelijk praktische examens, terwijl andere, zoals voor de politie, een fysieke test vereisen.

6. Is er iets dat mij ervan weerhoudt een baan als ambtenaar in Spanje te krijgen?

Ja, buitenlanders hadden geen disciplinaire maatregelen mogen krijgen of ontslagen mogen worden uit soortgelijke functies in de openbare dienst in hun eigen land.

Ook moeten degenen die solliciteren naar banen waarbij ze in contact komen met kinderen, mogelijk een attest afgeleverd door de politie uit hun thuisland laten zien om te bewijzen dat hun strafblad schoon is.

Maar in bredere zin is het behalen van het ingangsexamen en het vinden van een ambtenarenjob notoir moeilijk in Spanje.

Er is een enorme concurrentie, met vaak duizenden kandidaten die strijden om letterlijk een handvol aangeboden functies.

Je moet niet alleen vloeiend Spaans spreken, je moet meestal ook een groot aantal onderwerpen bestuderen, ook al hoef je tijdens het examen maar een beperkt aantal vragen te beantwoorden.

Het is niet ongebruikelijk dat Spanjaarden jaren bezig zijn met het voorbereiden van hun examen, om uiteindelijk hun ambtenarenjob niet te krijgen.

7. Wat zijn de voordelen om ambtenaar te zijn in Spanje?

  • Een fatsoenlijk salaris
  • U heeft het recht om naast vakantiedagen ook persoonlijke vrije dagen op te nemen
  • U kunt op 60 jaar met pensioen gaan, vijf jaar eerder dan de meeste werknemers in Spanje
  • Uw sociale zekerheid wordt automatisch ingehouden, waardoor u zorg- en pensioenrechten krijgt
  • Het is een stabiele baan waarvan het zeer onwaarschijnlijk is dat je ontslagen wordt, in het slechtste geval krijg je een andere baan
  • Je hebt de mogelijkheid om door te stromen naar verschillende afdelingen

8. Wat zijn de nadelen om ambtenaar te zijn in Spanje?

  • Het is een grote investering in tijd en moeite om een baan als ambtenaar te krijgen, zonder garanties
  • De behoefte aan kwalificaties, extra toetsen en examens
  • Het uitgebreide aantal vereisten en papierwerk dat moet worden ingevuld
  • Ingewikkelde systemen, maar ook ouderwetse en bureaucratische werkmodellen
  • Eentonig werk, waarbij het onwaarschijnlijk is dat u voor nieuwe uitdagingen komt te staan
  • Weinig tot geen mogelijkheden voor thuiswerk

Voordelen voor familieleden in de sociale zekerheid

  1. Door ten laste komend kind of pleegkind
  2. Bij de geboorte van een kind
  3. Wegens de geboorte van een meerling
  4. Voor de zorg voor een kind met een ernstige ziekte of kanker

1. Door ten laste komend kind of pleegkind

Voorwaarden

Het pleegkind of de minderjarige wordt als ten laste beschouwd wanneer hij of zij financieel afhankelijk is van de begunstigde, dat wil zeggen hij of zij bij hem of haar inwoont en als hij of zij inkomen verdient, mag dit niet hoger zijn dan het bedrag van het minimum interprofessioneel salaris.

De begunstigden zijn de vader of de moeder of, bij gebreke daarvan, de persoon die bij verordening is aangesteld, zolang ze:

  • Legaal in Spanje verblijven.
  • Ze kinderen hebben onder de 18 jaar of ze hebben een handicap gelijk aan of groter dan 65%.
  • Dat ze in het voorgaande begrotingsjaar geen jaarinkomen, van welke aard dan ook, hebben ontvangen (indien kinderen onder de 18 jaar die niet gehandicapt zijn) hoger dan de vastgestelde grens

Zij zijn ook begunstigden:

  • Wezen van vader en moeder, jonger dan 18 jaar of gehandicapt voor een graad gelijk aan of groter dan 65%, ongeacht of zij al dan niet gepensioneerden van de sociale zekerheid zijn.
  • Degenen die geen wezen zijn en door hun ouders in de steek zijn gelaten, ongeacht of ze in een pleeggezin zitten of niet, en die voldoen aan de leeftijds- of handicapvereisten van het vorige punt.

Wie ontvangt de uitkering?

  • In geval van samenwonen van vader en moeder: Indien slechts één van hen voldoet aan de voorwaarden om uitkeringsgerechtigd te zijn, ontvangt hij de toeslag en indien beiden hieraan voldoen, wordt een van hen in onderling overleg aangewezen uitkeringsgerechtigde of, bij gebreke daarvan, in overleg tussen de ouders, wordt toegekend aan de persoon aan wie de voogdij en het gezag zijn toegewezen.
  • In gevallen van scheiding van tafel en bed of echtscheiding: De vader of moeder is de begunstigde voor de kinderen ten laste en op voorwaarde dat de persoon met de kinderen ten laste de vastgestelde jaarlijkse inkomensgrenzen niet overschrijdt.
  • In het geval van wezen van vader en moeder of van degenen die door hun ouders in de steek zijn gelaten: de toelage wordt betaald aan de wettelijke vertegenwoordigers of aan degenen die de minderjarige of gehandicapte helpen om aan de verplichting om hem te ondersteunen en op te voeden voldoen.

Het bedrag

De hoogte van de uitkeringen per kind ten laste wordt jaarlijks met een regulerend karakter vastgesteld.

Onverenigbaarheden

De economische toeslag per kind ten laste, ouder dan 18 jaar en getroffen door een mate van handicap gelijk aan of groter dan 65%, is onverenigbaar met:

  • De toestand van het gehandicapte kind van een gepensioneerde of invalide gepensioneerde in de premievrije modus.
  • De toestand van de begunstigde van bijstandspensioenen.
  • De voorwaarde van begunstigde van de minimuminkomensgarantie subsidies of voor hulp van een derde persoon, vastgelegd in de wet op de maatschappelijke integratie van gehandicapten.

In elk van deze gevallen moet de perceptie van een van hen worden gekozen.

2. Bij de geboorte van een kind

De geboorte van het derde en volgende kinderen geeft recht op de uitkering, op voorwaarde dat de geboorte in Spanje heeft plaatsgevonden of wanneer het geboren kind, verwekt in het buitenland, onmiddellijk zal toetreden tot een gezinskern die in Spanje woont.

Voor deze doeleinden wordt onder geboren verstaan de foetus die ten minste 24 uur onafhankelijk van zijn moeder leeft.

Voor de berekening van het derde kind wordt rekening gehouden met alle kinderen, ongeacht hun afkomst (al dan niet algemeen), die in het gezin wonen en de leiding hebben van de ouders.

Wie is de begunstigde van de uitkering?

U wordt begunstigde van de uitkering:

  • Als er sprake is van coëxistentie van de ouders, zal een van de ouders de begunstigde zijn als er een overeenkomst tussen hen is en bij gebreke daaraan zal de moeder de begunstigde zijn. In het geval dat beide voldoen aan de voorwaarde van begunstigden, prevaleert de voorwaarde van de begunstigde die zal worden geïntegreerd in een socialezekerheidsstelsel.
  • Als de ouders niet bij elkaar leven, is de begunstigde degene die verantwoordelijk is voor de zorg en het gezag over het kind.
  • Wanneer de overledene wees is van vader en moeder of in de steek wordt gelaten, is de persoon die wettelijk voor de kinderen zorgt de begunstigde, op voorwaarde dat hij of zij eerder twee of meer kinderen onder zijn of haar zorg heeft gehad.

Voorwaarden

Om begunstigde te zijn van dit type uitkering, moet u:

  • Ingeschreven zijn of in een gelijkgestelde situatie verkeren, gepensioneerd zijn of een reguliere uitkering ontvangen.
  • In het jaar voorafgaand aan de geboorte geen huur of inkomen van welke aard dan ook hebben ontvangen dat hoger is dan de vastgestelde limiet, indien van toepassing, dit bedrag wordt verhoogd met 15% voor elk ten laste komend kind, te beginnen met het tweede, inclusief dit kind. In bepaalde gevallen kan deze inkomensgrens worden overschreden.
  • Als het inkomen gelijk is aan of lager is dan het minimum, wordt de uitkering volledig ontvangen.
  • Is het jaarinkomen hoger dan de minimumgrens maar lager dan de maximumgrens, dan wordt het verschil tussen beide uitgekeerd.
  • In het geval van coëxistentie van de vader en de moeder, en de som van hun inkomen deze grenzen overschrijdt, wordt geen van beiden erkend als begunstigde.

Het bedrag

De uitkering zal bestaan uit een eenmalige uitkering waarvan het bedrag bij wet wordt bepaald voor elk kind dat na het derde kind wordt geboren, ook dit kind, wanneer het inkomen van de begunstigde het minimuminkomen niet overschrijdt.

Onverenigbaarheden

De uitkering voor de geboorte van de derde of navolgende kinderen zal onverenigbaar zijn met de perceptie, door de vader of de moeder, van enige andere analoge uitkering die is vastgelegd in de overige openbare sociale beschermingsstelsels.

3. Wegens de geboorte van een meerling

Meerlinggeboorten (twee of meer) hebben recht op de uitkering op voorwaarde dat de geboorte in Spanje heeft plaatsgevonden of wanneer de geborene, verwekt in het buitenland, onmiddellijk wordt opgenomen in een gezinskern met woonplaats in Spanje.

Voor deze doeleinden wordt onder geboren verstaan de foetus die een menselijk figuur heeft en 24 uur onafhankelijk van zijn moeder leeft.

Wie is de begunstigde van de uitkering?

Zij kunnen begunstigden zijn van deze uitkering:

  • Als er sprake is van coëxistentie van de ouders, zal een van de ouders de begunstigde zijn als er een overeenkomst tussen hen is en bij gebreke daarvan zal de moeder de begunstigde zijn. In het geval dat beide voldoen aan de voorwaarde van begunstigden, prevaleert de voorwaarde van de begunstigde die zal worden geïntegreerd in een socialezekerheidsstelsel.
  • Als de ouders niet naast elkaar bestaan, is de begunstigde degene die verantwoordelijk is voor de zorg en het gezag over het kind.
  • Wanneer de overledene wees is van vader en moeder of in de steek wordt gelaten, is de persoon die wettelijk voor de kinderen zorgt de begunstigde, op voorwaarde dat hij of zij eerder 2 of meer kinderen onder zijn of haar zorg heeft gehad.

Voorwaarden

Om toegang te krijgen tot deze uitkeringen moet men ingeschreven zijn of in een gelijkgestelde situatie verkeren of gepensioneerd zijn of periodieke uitkeringen ontvangen.

Het bedrag

De uitkering bestaat uit een eenmalige uitkering en wordt jaarlijks wettelijk vastgesteld.

Onverenigbaarheden

De uitkering voor meerlingen is verenigbaar met de uitkering bij de geboorte van een derde of volgende kinderen, met de bijzondere moederschapstoelage en, in voorkomend geval, met het wezenpensioen.

Aan de andere kant, als de vader en de moeder in overeenstemming zijn met de noodzakelijke omstandigheden om de toestand van de begunstigden te hebben, kan het recht om de uitkering te ontvangen slechts aan een van hen worden toegekend en zal het onverenigbaar zijn met de perceptie van een ander analoge uitkering in de overige openbare sociale beschermingsregelingen.

4. Voor de zorg voor een kind met een ernstige ziekte of kanker

Begunstigden:

Deze uitkering wordt toegekend aan ouders, adoptanten of pleegouders (pre-adoptief of permanent), indien beide werken, om te zorgen voor de minderjarige die aan hun zorg is toevertrouwd en die lijdt aan kanker (kwaadaardige tumoren, melanomen en carcinomen), of enige andere ernstige ziekte, waarvoor langdurige ziekenhuisopname en voortzetting van de behandeling van de ziekte nodig zijn. Deze situatie moet worden erkend door de GGD van de desbetreffende Autonome Gemeenschap.

Voorwaarden

Het is noodzakelijk dat een van de ouders zijn werktijd met minimaal 50% verkort, zodat hij zich direct en continu kan wijden aan de zorg voor zijn kind.

Om aanspraak te kunnen maken op deze uitkering, zijn dezelfde vereisten en onder dezelfde voorwaarden vereist als die welke zijn vastgesteld voor de premievrije moederschapsuitkering.

Slechts één van de ouders heeft toegang tot deze uitkering.

Het bedrag

Het economisch voordeel zal bestaan uit een subsidie gelijk aan 100% van de wettelijke grondslag gelijk aan die vastgesteld voor de tijdelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering, afgeleid van beroepsongevallen, en in verhouding tot de vermindering van de werkdag.

Uitdoving

Het recht op deze uitkering vervalt wanneer de permanente zorg voor het kind niet langer nodig is en dit blijkt uit een rapport van de GGD of wanneer het kind de leeftijd van 18 jaar bereikt.

Wanneer beide ouders, adoptanten of pleegouders van pre-adoptieve of permanente aard instemmen met de noodzakelijke omstandigheden om de begunstigden van de uitkering te ontvangen, kan het recht om deze te ontvangen slechts ten gunste van één van hen worden erkend.

Hoe verander je de titelhouder van een energierekening in Spanje?

  1. Algemeen
  2. Hoe verander ik de naam op het contract?
  3. Hoe vind ik de CUPS-code?
  4. Wat als ik wil overstappen naar een ander energiebedrijf?
  5. Hoe lang duurt het om de naam te veranderen?
  6. Wat zijn enkele van de problemen waar ik tegenaan kan lopen?
  7. Wat als de energiediensten zijn afgesloten?

1.Algemeen

Wanneer u naar een andere woning in Spanje verhuisd, moet u de naam van de rekening- of contracthouder wijzigen, zodat eventuele toekomstige water-, elektriciteits- of gasrekeningen op uw naam staan. Het is niet zo eenvoudig als je misschien denkt maar het is zeker geen onoverkomelijke job.

Denk eraan om bij uw eerste bewoning de nummers op de gas-, elektriciteits- en watermeters te noteren.

Het wijzigen van de naam op uw energierekeningen en de betalingsgegevens zou in theorie relatief eenvoudig moeten zijn, maar u kunt enkele veelvoorkomende problemen tegenkomen die de wijziging behoorlijk ingewikkeld kunnen maken.

Allereerst moet u weten welke energiebedrijven er zijn gecontracteerd voor uw woning.

Dit kunt u doen door het zelf aan de vorige eigenaar te vragen, contact op te nemen met uw verhuurder als u huurt of door aan uw makelaar te vragen om dit voor u uit te zoeken.

Als het om water gaat, moet dit worden verstrekt door uw gemeente of stad, zodat u hiervoor geen contact hoeft op te nemen met de vorige bewoner.

2. Hoe verander ik de naam op het contract?

Wanneer u er voor het eerst komt wonen, vergeet dan niet om de nummers van het verbruik op de gas-, elektriciteits- en watermeters te noteren, zodat u deze aan de nutsbedrijven kunt geven en zo kunnen zij registreren hoeveel u in de toekomst verschuldigd bent, en zij een afrekening kunnen sturen zodat u niet moet betalen voor het verbruik van de vorige bewoner.

Vervolgens moet u contact opnemen met het energiebedrijf dat uw eigendom voorziet van elektriciteit, gas of water en u moet er naar een “cambio de titular a nombre del arrendatario o comprador” vragen vraag om een (verandering van eigendom op naam van de huurder of koper).

Het proces zou volledig gratis moeten zijn voor elektriciteit en gas, maar in sommige steden moet u mogelijk een borg betalen voor het wijzigen van de titel van de waterrekening, een borg die u moet terugkrijgen wanneer u het pand verlaat. De aanbetaling kan variëren van € 50 tot € 100.

Telefonisch contact opnemen met het energiebedrijf is misschien de beste manier om ervoor te zorgen dat alles correct wordt gedaan, maar sommige bedrijven hebben ook online formulieren waarmee u een naamswijziging kunt aanvragen. Als het om water gaat, hebben de meeste steden kantoren die je kunt bezoeken of specifieke e-mailadressen als je ze niet telefonisch kunt bereiken.

Er zijn een paar stukjes informatie die u bij de hand moet hebben voordat u contact opneemt met het bedrijf. Dit zijn:

  • De volledige naam van de vorige persoon die de rekeningen op zijn naam had staan
  • Uw NIE / DNI
  • Het adres van de woning
  • De datum waarop u bent verhuisd
  • De CUPS-code (niet nodig voor water)
  • Uw padrón-certificaat (alleen voor water)
  • Een kopie van de eigendomsakten of het huurcontract
  • Uw bankgegevens

Met al deze informatie moeten ze relatief snel de naam op de rekening kunnen veranderen, zodat eventuele toekomstige energierekeningen direct naar jou gaan.

Op dit moment kunt u ook uw tarief of de hoeveelheid gecontracteerde energie aanpassen aan uw individuele behoeften.

3. Hoe vind ik de CUPS-code?

De CUPS-code of Código Unificado del Punto de Suministro is een nummer dat elk afzonderlijk eigendom identificeert dat elektriciteit of gas ontvangt. Het nummer verandert niet, dus u kunt dit aan de vorige bewoner vragen, want dit staat op hun energierekening.

Als dit niet mogelijk is, kunt u ook contact opnemen met uw energiedistributeur, deze zijn toegewezen per gebied en blijven hetzelfde. Door hen uw naam, adres en ID-nummer zoals NIE te geven, kunnen zij u de CUPS-code geven die aan uw eigendom is gekoppeld.

4. Wat als ik wil overstappen naar een ander energiebedrijf?

Wilt u liever geen contract afsluiten met het energiebedrijf dat de vorige eigenaar had, dan kunt u er ook voor kiezen om voor een nieuwe aanbieder te gaan. In dat geval heb je nog steeds dezelfde informatie en nummers nodig als hierboven, maar je neemt contact op met de energieleverancier van je keuze en het tarieftype dat je wilt betalen.

5. Hoe lang duurt het om de naam te veranderen?

Het kan 1 tot 20 dagen duren voordat de rekeningen op uw naam staan. De vorige bewoner krijgt de eindafrekening en daarna krijgt u de nieuwe rekeningen vanaf de datum dat u er ingetrokken bent.

6. Wat zijn enkele van de problemen waar ik tegenaan kan lopen?

Het meest voorkomende probleem is wanneer de vorige bewoner niet op de hoogte is van het betalen van zijn rekeningen en een openstaande schuld heeft. In dit geval, als u probeert de titel in uw naam te veranderen, erft u ook de schuld van de vorige eigenaar.

Dan moet u eerst de vorige bewoner de openstaande rekening laten betalen voordat u deze op uw naam kunt laten zetten. Als u problemen ondervindt bij het betalen van hun rekening, kunt u de datum waarop u in de woning bent ingetrokken aantonen door een kopie van uw akten of huurcontract op te sturen. Dit zou in theorie de eigendomsoverdracht mogelijk moeten maken zonder de schuld op u te nemen, maar het kan een lastig proces zijn, vaak meerdere keren bellen met het energiebedrijf en wachten op verificatie van het bewijs.

7. Wat als de energiediensten zijn afgesloten?

In het geval dat het pand enige tijd onbewoond heeft gestaan, is het mogelijk dat de vorige eigenaren de nutsvoorzieningen hebben uitgeschakeld of afgesloten. Als dit het geval is, moet je de energieleveranciers vragen om ze weer te activeren. Dit houdt meestal in dat u verschillende vergoedingen moet betalen om ze in gebruik te kunnen nemen. Het bedrag dat u betaalt, is afhankelijk van de energiedistributeur en waar het onroerend goed in Spanje is gevestigd.

Overlijdens-en overlevingsbescherming

  1. Hulp bij overlijden
  2. Weduwepensioen
  3. Wezenpensioen
  4. Pensioen ten gunste van familieleden
  5. Bijzondere vergoeding bij overlijden door arbeidsongeval of beroepsziekte

1. Hulp bij overlijden

Begunstigden

Het zijn de mensen die de kosten van de begrafenis hebben gedragen, in de veronderstelling dat deze kosten, in deze volgorde, zijn gedragen door de echtgenoot, kinderen of familieleden van de overledene die gewoonlijk bij hem woonden.

Bedrag

Het door de Sociale Zekerheid toegekende bedrag voor bijstand bij overlijden bedraagt 46,50 euro en wordt eenmalig uitbetaald.

2. Weduwepensioen

Begunstigden

Zij zijn begunstigden van het weduwepensioen:

  • De langstlevende echtgenoot. Als het overlijden het gevolg is van een ziekte die vóór het huwelijk is opgelopen, is voor de toekenning van de uitkering vereist dat er gemeenschappelijke kinderen zijn of dat het huwelijk ten minste één jaar heeft geduurd. Deze periode van één jaar is niet vereist als wordt aangetoond dat de contractpartijen feitelijk naast elkaar bestaan, wat, opgeteld bij de duur van het huwelijk, twee jaar bedraagt.
  • De gescheiden personen die niet zijn hertrouwd en een koppel hebben gevormd en schuldeisers zijn van een compenserend pensioen dat bij overlijden is vervallen. Indien het weduwepensioen hoger is dan het compenserend pensioen, wordt het verlaagd tot het bedrag van het gerechtelijk pensioen. Het weduwepensioen zal ook worden erkend voor die vrouwen die geen recht hebben op een compenserend pensioen en kunnen bewijzen dat ze het slachtoffer zijn geweest van gender gerelateerd geweld op het moment van hun scheiding.
  • De langstlevende van een feitelijk echtpaar, op voorwaarde dat zij het volgende bewijzen: dat het overlijden na 1 januari 2008 is, dat het paar is ingeschreven in de registratie, of dat het paar ten minste twee jaar bij openbare akte is geformaliseerd, jaren voordat het overlijden plaatsvond. Bij gebrek van het voorgaande is een stabiele coëxistentie vereist gedurende ten minste 5 ononderbroken jaren vóór het overlijden. Ook is vereist dat tijdens het samenwonen geen van beide leden verhinderd is om te huwen of een huwelijksband met een andere persoon heeft gehad. Ten slotte, en met betrekking tot het inkomen, vereist de wetgeving dat het paar dat de uitkering aanvraagt, in het kalenderjaar voorafgaand aan het overlijden geen inkomen heeft verkregen dat hoger is dan 50% van het eigen bedrag plus dat van de overledene in dezelfde periode, of van de 25% als er geen gemeenschappelijke kinderen zijn die recht hebben op een wezenpensioen. Als alternatief, dat het door de aanvrager verkregen inkomen minder is dan 1,5 keer het bedrag van het minimum interprofessionele salaris (SMI) dat van kracht was op het moment van overlijden. Deze limiet verhoogt het bedrag van de huidige SMI met 0,5 voor elk gewoon kind dat recht heeft op wezenpensioen dat bij de nabestaande inwoont.

Voorwaarden

  • Om dit recht te erkennen, is het vereist dat de werknemer geregistreerd is of zich in een gelijkgestelde situatie bevindt en 500 dagen heeft bijgedragen in de 5 jaar voorafgaand aan het overlijden als het overlijden het gevolg is van een ziekte.
  • Indien de doodsoorzaak een ongeval, al dan niet arbeidsgerelateerd, of beroepsziekte is, is deze premieperiode niet vereist.
  • Als de werknemer niet is ingeschreven of gelijkgesteld is op het moment van overlijden, heeft hij ook recht op een weduwepensioen als de werknemer gedurende ten minste 15 jaar heeft bijgedragen.
  • Als aan deze premievereisten is voldaan, maar de tijd van samenwonen niet kan worden erkend of het huwelijk minder dan een jaar heeft geduurd, heeft de langstlevende recht op een tijdelijke weduwe uitkering voor een periode van twee jaar en voor het wettelijke bedrag dat overeenkomt met het pensioen.

Bedrag

Het bedrag van het pensioen wordt verkregen door het percentage van 52% toe te passen op de wettelijke basis van de werknemer.

Dit percentage mag 70% zijn, op voorwaarde dat de begunstigde van het pensioen tijdens de volledige geldigheidsduur van de uitkering aan de drie onderstaande vereisten voldoet:

  • Dat hij gezinsverantwoordelijkheden heeft, dat wil zeggen dat hij samenwoont met kinderen jonger dan 26 jaar, pleegkinderen of gehandicapte volwassenen (met een handicap van 33%) en dat het inkomen van het gezin, inclusief het inkomen van de begunstigde, niet hoger is dan 75% van de huidige SMI, exclusief de twee buitengewone uitkeringen.
  • Dat het weduwepensioen de belangrijkste of enige bron van inkomsten is, wat zal gebeuren wanneer het jaarlijkse bedrag van het pensioen hoger is dan 50% van het totale inkomen van de begunstigde.
  • Dat het jaarinkomen van de gepensioneerde voor alle begrippen niet hoger is dan het bedrag dat voortvloeit uit het optellen tot de grens die in elk boekjaar wordt voorzien voor de erkenning van de toeslagen voor premievrije pensioenen. Het jaarlijkse bedrag dat in elk boekjaar wordt vastgesteld komt overeen met het minimale weduwepensioen met gezinslasten. Het jaarlijks berekende weduwepensioen, vermeerderd met het jaarinkomen van de gepensioneerde, mag de inkomensgrens van het vorige lid niet overschrijden. Anders wordt het bedrag van het weduwepensioen verlaagd om deze grens niet te overschrijden.

Als de begunstigde een nieuw huwelijk aangaat voordat hij de leeftijd van 60 jaar heeft bereikt, vervalt het pensioen, maar heeft hij het recht om het bedrag van 24 maandelijkse betalingen van het pensioen in één keer te ontvangen.

In gevallen van scheiding van tafel en bed, echtscheiding of nietigverklaring van het huwelijk, zal het bedrag van het pensioen evenredig zijn aan de tijd die men met de overledene in het huwelijk was getreden. Er wordt echter ten minste 40% toegekend aan de echtgenoot of langstlevende van een feitelijk echtpaar dat recht heeft op een weduwepensioen.

In geval van arbeidsongeval of beroepsziekte zal ook een vergoeding worden toegekend van 6 maandelijkse betalingen van de wettelijke basis van de werknemer.

Onverenigbaarheid

Het ontvangen van het weduwepensioen is onverenigbaar met alle inkomsten uit arbeid die de begunstigde ontvangt en met het pensioen wegens arbeidsongeschiktheid of pensionering waarop hij of zij recht had, met uitzondering van het SOVI-pensioen; in dat geval zou de begunstigde moeten kiezen tussen een van de twee.

3. Wezenpensioen

Begunstigden

Zij zijn begunstigden van het wezenpensioen:

  • De kinderen van de overledene.
  • De kinderen van de langstlevende echtgenoot hebben, op voorwaarde dat het huwelijk ten minste twee jaar vóór het overlijden van de overledene is gesloten, op hun kosten samengewoond en hebben bovendien geen recht op een ander sociaal zekerheidspensioen, noch zijn er familieleden met de verplichting en mogelijkheid om hen van onderhoud te voorzien volgens het burgerlijk recht.

Van zijn kant wordt de uitkering erkend voor kinderen jonger dan 18 jaar of ouder als hun arbeidsgeschiktheid wordt verminderd. Kinderen onder de 22 jaar of 24 jaar worden toegekend als geen van de ouders overleeft of de wees een handicap heeft gelijk aan of groter dan 33%, ook in gevallen waarin de kinderen geen lucratieve baan uitoefenen.

Voorwaarden

  • Dat de werknemer is ingeschreven of zich in een vergelijkbare situatie bevindt en 500 dagen heeft bijgedragen in de 5 jaar voorafgaand aan het overlijden.
  • Indien de doodsoorzaak een ongeval, al dan niet arbeidsgerelateerd, of beroepsziekte is, is deze premieperiode niet vereist.
  • Als de overledene een gepensioneerde is, is er geen eerdere premieperiode vereist.
  • Als de werknemer niet is ingeschreven of gelijkgesteld is op het moment van overlijden, heeft hij ook recht op een weduwenpensioen als de werknemer gedurende ten minste 15 jaar heeft bijgedragen.

Bedrag

Het zal 20% zijn van dezelfde wettelijke basis van de overledene voor elke wees en in het geval dat er een begunstigde is vanwege weduwschap, wordt het bedrag hieraan toegevoegd, wat neerkomt op een stijging ten opzichte van de 52% die voor dat concept wordt ontvangen .

Ook als er meerdere wezen zijn, mag de som van het wezenpensioen en het weduwenpensioen niet meer bedragen dan 100% van de wettelijke grondslag.

Als het overlijden het gevolg was van een arbeidsongeval of een beroepsziekte, wordt naast het pensioen een forfaitaire vergoeding toegekend voor elke wees voor een bedrag gelijk aan één maand van de wettelijke basis van de werknemer.

Als er geen begunstigde echtgenoot is, wordt het bedrag van de vergoeding die in dit geval overeenstemt met het bedrag van 6 maandelijkse betalingen van de wettelijke basis, verdeeld onder de wezen.

Onverenigbaarheden

Het wezenpensioen is onverenigbaar met alle inkomsten uit arbeid van de langstlevende echtgenoot en met alle inkomsten uit arbeid van de minderjarige onder de 18 jaar.

Het wezenpensioen voor personen ouder dan 18 jaar is pas verenigbaar met zelfstandige arbeid of arbeid voor derden wanneer het verkregen inkomen niet hoger is dan 75% van het bedrag van het minimum interprofessioneel loon.

4. Pensioen ten gunste van familieleden

Begunstigden

De begunstigden van het pensioen ten gunste van familieleden zijn:

  • Kleinkinderen en broers en zussen, wezen van vader en moeder, mits zij op de datum van overlijden jonger zijn dan 18 jaar of ouder, arbeidsongeschikt zijn, op voorwaarde dat de erkende handicap in de mate van een absolute blijvende of ernstige handicap is. Deze voordelen zijn voor personen ouder dan 22 jaar wanneer ze geen lucratieve job uitoefenen of wanneer het inkomen dat ze, volgens de jaarlijkse berekening, de limiet van 75% van het minimum interprofessioneel salaris niet overschrijden dat op elk moment ingesteld is.
  • Moeder en grootmoeders, weduwen, alleenstaand, gehuwd, wiens man ouder is dan 60 jaar of niet in staat is om te werken, wettelijk gescheiden of uit elkaar.
  • Vader en grootouders of gehandicapt voor alle werk.
  • Dochters en broers en zussen van gepensioneerden die blijvend invalide zijn (in hun premievrije vorm) of van werknemers die bij overlijden voldoen aan de voorwaarden voor erkenning van het recht op ouderdomspensioen, ouder dan 45 jaar, alleenstaand, weduwnaar, wettelijk gescheiden of gescheiden en die, naast het voldoen aan de algemene vereisten, bewijzen dat zij zich hebben toegewijd aan de zorg voor de overledene. Als deze begunstigden niet voldoen aan de vereisten om toegang te krijgen tot het ouderdomspensioen, hebben ze recht op erkenning van een subsidie ten gunste van familieleden ten bedrage van 20% van de wettelijke basis die zal worden betaald voor maximaal 12 maandelijkse betalingen.

Voorwaarden

Om deze voordelen te erkennen, is het noodzakelijk:

  • Dat de werknemer is ingeschreven of zich in een vergelijkbare situatie bevindt en 500 dagen heeft bijgedragen in de 5 jaar voorafgaand aan het overlijden.
  • Als de werknemer niet is ingeschreven of gelijkgesteld is op het moment van overlijden, heeft hij ook recht op een weduwenpensioen als de werknemer gedurende ten minste 15 jaar heeft bijgedragen.
  • De begunstigde moet voor de datum van overlijden minimaal 2 jaar bij de overledene hebben gewoond.
  • Economisch afhankelijk zijn van de overledene.
  • Geen recht hebben op enig ander openbaar pensioen.
  • Gebrek aan bestaansmiddelen en familieleden met de verplichting of mogelijkheid om onderhoud te verstrekken in overeenstemming met de burgerlijke wetgeving.

Bedrag

Het zal 20% zijn van de wettelijke basis van de werknemer en kan 52% van het pensioen dat wordt ontvangen voor weduwschap verhogen. Als er meerdere begunstigden zijn, mag de som van de bedragen van de uitkeringen voor overlijden en overleving niet meer bedragen dan 100% van de overeenkomstige wettelijke grondslag.

Als er bij het overlijden van de overledene geen echtgenoot of kinderen zijn die recht hebben op het wezenpensioen, verhoogt 52% van het weduwenpensioen het pensioen dat kleinkinderen of broers en zussen voor dit concept kunnen ontvangen en, bij hun afwezigheid, de opgaande lijn, en kinderen of broers en zussen van de gepensioneerde ouder dan 45 jaar.

5. Bijzondere vergoeding bij overlijden door arbeidsongeval of beroepsziekte

Begunstigden en bedrag

Weduwe of weduwnaar: De vergoeding zal 6 maandelijkse betalingen van de wettelijke basis zijn. Als de overledene gepensioneerde was wegens blijvende invaliditeit, wordt de vergoeding gezet op 6 maandelijkse termijnen van het bedrag dat hij ontving.

Wezen: De vergoeding is 1 maandelijkse betaling van de wettelijke basis. Indien er geen echtgenoot is die recht heeft op een vergoeding, wordt het bedrag van de vergoeding verdeeld onder de wezen.

Vader en/of moeder wanneer er geen gezinslid is dat recht heeft op een overlijdens- of overlevingspensioen, ze geen recht hebben op een uitkering ten gunste van gezinsleden en ze leven op kosten van de overledene. Het bedrag van de vergoeding is vastgesteld op 9 maandelijks betalingen van de wettelijke basis of 12 maandelijkse termijnen in het geval dat beide blijven bestaan.

Werkloos in Spanje

  1. Algemeen
  2. Wie heeft toegang tot een werkloosheidsuitkering?
  3. Vereisten om toegang te krijgen tot de werkloosheidsuitkering
  4. Onverenigbaarheden van de werkloosheidsuitkering
  5. De inhoud van de WW-uitkering
  6. De duur van de uitkering
  7. Wat is de hoogte van de werkloosheidsuitkering?
  8. Is het mogelijk om een “inhouding” te doen op de WW-uitkering?
  9. De betaling van de uitkering
  10. Eenmalige betaling van een werkloosheidsuitkering
  11. Schorsing van de werkloosheidsuitkering
  12. De hervatting van het recht op een uitkering
  13. Beëindiging van de werkloosheidsuitkering
  14. Registratie op het werkloosheidskantoor
  15. Werk zoeken in Spanje

1.Algemeen

Uw werk verloren? Lees hier waar en hoe je u moet registreren om uw werkloosheidsvergoeding (el paro) te krijgen en hoe je een nieuwe job kan vinden.

Om in aanmerking voor een werkloosheidsvergoeding in Spanje te komen moet men werkloos zijn en een bijdrage aan de sociale zekerheid betaald hebben. Het bedrag dat men kan krijgen is afhankelijk van de periode dat men gewerkt heeft.

Het Spaans organisme voor de werkloosheid is Servicio Público de Empleo Estatal (SEPE). Een werkloosheidsvergoeding is in het Spaans “el paro”.

2. Wie heeft toegang tot een werkloosheidsuitkering?

Alle onderstaande werknemers die:

  • Werknemers die vallen onder de Algemene Sociale Zekerheidsregeling, mits het contract is beëindigd wegens ontslag, wegens slachtofferschap van gender gerelateerd geweld, wegens het verstrijken van de termijn in het geval van een tijdelijk contract, wegens de overlijden of pensionering van de werkgever, door beëindiging van de proeftijd op verzoek van het werkgevers- of arbeidsreglementdossier. De werknemers die vertrekken wegens het niet aanvaarden van een overplaatsing die een verandering van woonplaats inhoudt en zij van wie de arbeidsvoorwaarden door het bedrijf werden gewijzigd (rooster, dag, ploegen, enz.) en deze wijziging gerechtelijk werd verklaard, hebben ook recht op een werkloosheidsvergoeding.
  • Ambtenaren en ingehuurd personeel voor Overheidsdiensten die zijn opgenomen in de Algemene Regeling Sociale Verzekering, alsmede uitzendambtenaren van de Justitie.
  • Werknemers die zijn opgenomen in de Bijzondere Sociale Zekerheidsregelingen die deze werkloosheidsvoorziening beschermen (mijnwerkers, vaste werknemers van de Bijzondere Agrarische Regeling, zeelieden… enz.)
  • Werknemers van aangesloten werkcoöperaties die zijn opgenomen in een sociale zekerheidsstelsel dat deze onvoorziene gebeurtenis beschermt.
  • Veroordeelden die uit de gevangenis waren vrijgelaten wegens het uitzitten van hun straf of voorwaardelijke invrijheidstelling.
  • Arbeidsmigranten die terugkeren naar Spanje.
  • Militairen, of ze nu behoren tot de officieren of tot de troepen, professionele matrozen, personeel van de complementaire schalen en marinereserve van de strijdkrachten.

3. Vereisten om toegang te krijgen tot de werkloosheidsuitkering

Om toegang te krijgen tot een werkloosheidsuitkering, moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan:

  • Dat de werknemer aangesloten en geregistreerd is bij de sociale zekerheid of in een regeling die de werkloosheidssituatie overweegt.
  • Een minimale premieperiode van 360 dagen hebben gedekt binnen de 6 jaar voorafgaand aan de wettelijke werkloosheidssituatie, of op het moment dat de premieplicht ophield.
  • Het niet nakomen door de werkgever van de aansluitings-, registratie- en premieverplichtingen belet de werknemer niet om de werkloosheidsuitkering te verkrijgen.
  • Dat de werknemer niet de normale leeftijd heeft bereikt die in elk geval vereist is om met pensioen te gaan (65 jaar) of er geen recht op heeft omdat hij niet lang genoeg heeft bijgedragen.
  • Niet opgenomen in een van de oorzaken van incompatibiliteit.
  • Vind jezelf in de wettelijke werkloosheidsstatus.
  • Schrijf je in als werkzoekende en onderteken een activiteitenverbintenis.

4. Onverenigbaarheden van de werkloosheidsuitkering

Het ontvangen van een werkloosheidsuitkering is onverenigbaar met:

  • Het zelfstandig statuut, zelfs als de uitvoering ervan geen verplichte opname in een van de sociale zekerheidsregelingen inhoudt.
  • Bij loondienst, behalve wanneer het werk in deeltijd wordt gedaan.
  • Met het verkrijgen van een pensioen of een uitkering van economische aard uit de Sociale Zekerheid, tenzij deze verenigbaar waren met het werk dat aanleiding gaf tot de WW-uitkering.

Integendeel, het verkrijgen van een werkloosheidsuitkering zal verenigbaar zijn met:

  • Deeltijdarbeid in loondienst, met aftrek van het deel dat evenredig is aan de gewerkte tijd.
  • Met een passende vergoeding voor het beëindigen van de arbeidsovereenkomst.
  • Met de beurzen die zijn verkregen door deel te nemen aan beroepsopleidingsacties die zijn voorzien in het Nationaal Plan voor Opleiding en Beroepsintegratie.
  • Met een gedeeltelijk ouderdomspensioen.

5. De inhoud van de WW-uitkering

Het economische voordeel dat uit de werkloosheidssituatie voortvloeit, kan worden ontvangen in geval van een volledige of gedeeltelijke werkloosheid.

Het bedrag zal gebaseerd zijn op de sociale zekerheidsbijdragen die voor deze gebeurtenis zijn betaald, gedurende de laatste 180 dagen (er zijn maximale en minimale inningslimieten)

De SEPE (Openbare Overheidsdienst voor Arbeidsvoorziening) betaalt de sociale zekerheidsbijdrage tijdens de ontvangst van de werkloosheidsuitkering ten belope van 100% van de bedrijfsbijdrage en 35% van de werknemersbijdrage. In het geval van vaste werknemers van het Bijzonder Agrarisch Regime betaalt de SEPE 72% van hun honorarium.

6. De duur van de uitkering

De duur van de uitkering is afhankelijk van de arbeidstijd die wordt vermeld in de 6 jaar voorafgaand aan het moment waarop de werkloosheidssituatie zich voordoet, tot het moment waarop de premieplicht ophield of, in voorkomend geval, vanaf de geboorte van het recht op een uitkering voor eerdere werkloosheid, volgens de volgende tabel:

Periode van het vermelde beroep in de afgelopen 6 jaar en duur van de uitkering

  • Van 360 tot 539 dagen gewerkt (18 maanden) is 120 dagen uitkering (4 maanden)
  • Van 540 tot 719 dagen gewerkt (24 maanden) is 180 dagen uitkering (6 maanden)
  • Van 720 tot 899 dagen gewerkt (30 maanden) 240 dagen uitkering (8 maanden)
  • Van 900 tot 1.079 dagen gewerkt (36 maanden) is 300 dagen uitkering (10 maanden)
  • Van 1.080 tot 1.259 dagen gewerkt (42 maanden) is 360 dagen uitkering (12 maanden)
  • Van 1.260 tot 1.439 dagen gewerkt (48 maanden) is 420 dagen uitkering (14 maanden)
  • Van 1.440 tot 1.619 dagen gewerkt (54 maanden) is 480 dagen uitkering (16 maanden)
  • Van 1.620 tot 1.799 dagen gewerkt (60 maanden) is 540 dagen uitkering (18 maanden)
  • Van 1.800 tot 1.979 dagen gewerkt (66 maanden) is 600 dagen uitkering (20 maanden)
  • Van 1980 tot 2.159 dagen gewerkt (72 maanden) is 660 dagen uitkering (22 maanden)
  • Vanaf 2.160 dagen gewerkt (72 maanden) is 720 dagen uitkering (24 maanden)

De maximale werkloosheidsuitkering is dus 2 jaar en vereist een voorafgaande bijdrage van 6 jaar werken. Alleen de bijdragen die nog niet in aanmerking zijn genomen bij de erkenning van een ouder recht, zowel op bijdragend niveau of als bijstand, zullen in aanmerking worden genomen voor de vorige berekening.

Voor emigranten die terugkeren naar Spanje en degenen die uit de gevangenis zijn ontslagen, zal de duur van de werkloosheidsuitkering worden bepaald op basis van de perioden van betaald werk die overeenkomen met de zes jaar voorafgaand aan het verlaten van Spanje of het betreden van de gevangenis, tenzij de werknemers bijdragen hebben betaald in het buitenland of in gevangenis en deze zijn geldig voor het verkrijgen van de uitkering. In dat geval zal de berekening van de 6 jaar plaatsvinden vanaf de datum waarop het dienstverband eindigt.

7. Wat is de hoogte van de werkloosheidsuitkering?

Het te ontvangen bedrag is gebaseerd op de zogenaamde “regelgevende basis”, die zal worden berekend door middel van het gemiddelde van de grondslagen voor beroepsongevallen en beroepsziekten (AT en EP), waarvoor bijdragen zijn betaald gedurende de laatste 180 dagen voorafgaand aan de wettelijke situatie van werkloosheid of op het moment waarop de premieplicht ophield. Als de werknemer in deze 180 dagen gedwongen is de werkdag te verkorten vanwege de te vroege geboorte van een kind, voor de zorg voor kinderen of familieleden of omdat hij het slachtoffer is van gendergerelateerd geweld, wordt ervan uitgegaan dat hij voltijds gewerkt voor de berekening van de wettelijke grondslag.

Het premie-inkomen wordt berekend in de loonlijst en in ieder geval kan het SEPE deze gegevens gedetailleerd aanleveren.

Het te ontvangen bedrag is:

  • Tijdens de eerste 6 maanden, 70% van de wettelijke basis.
  • Vanaf 6 maanden 60% van de wettelijke basis.

Ondanks dat deze percentages zijn vastgesteld, mag het bedrag van de WW-uitkering in geen geval hoger of lager zijn dan de wettelijk vastgestelde limieten, die als volgt zijn vastgesteld:

Minimumlimiet van de uitkering. De hoogte van de uitkering mag niet lager zijn dan:

  • Bij 80% van de IPREM (Indicador Público de Renta de Efectos Múltiples, die elk jaar door de regering wordt gepubliceerd in de algemene staatsbegrotingswet), verhoogd met een zesde, wanneer de werknemer geen kinderen ten laste heeft.
  • Bij 107% van de IPREM, verhoogd met een zesde, wanneer de werknemer ten minste één kind ten laste heeft.

Maximale uitkering. Het bedrag van de uitkering is gebaseerd op het aantal kinderen ten laste van de begunstigde is en mag niet hoger zijn dan:

  • In het geval dat er geen kinderen zijn: Bij 175% van de IPREM, verhoogd met een zesde.

In het geval dat er kinderen onder de 26 jaar verantwoordelijk zijn voor de werknemer:

  • Bij een kind is dat 200% van de IPREM, vermeerderd met een zesde.
  • Bij twee of meer kinderen is dat 225% van de vorige indicator, eveneens verhoogd met een zesde.

In gevallen waarin de WW-uitkering wordt aangevraagd na beëindiging van een deeltijdcontract, wordt het maximum en minimum van de uitkering berekend op basis van het aantal gewerkte uren.

8. Is het mogelijk om een “inhouding” te doen op de WW-uitkering?

De Dienst voor Arbeidsvoorziening houdt de volgende inhoudingen in op de WW-uitkering:

  • Het bedrag van de sociale zekerheidsbijdrage die de werknemer moet betalen.
  • De inhouding op de personenbelasting, die zal worden gebaseerd op het bedrag dat het bedrag van de WW per jaar vertegenwoordigt en zal worden uitgevoerd in overeenstemming met de bepalingen van de fiscale regelgeving.

9. De betaling van de uitkering

Zodra de aanvraag is ingediend, stuurt de Rijksdienst voor de Arbeidsvoorziening het aangenomen besluit naar het adres van de aanvrager, onder meer met vermelding van de erkende periode, de wettelijke grondslag, de betalingsdatum, enz.

De uitkering wordt maandelijks achteraf uitbetaald door storting op de door de werknemer aangewezen rekening.

Bij de eerste betaling wordt het bedrag van 10 dagen service ingehouden, dat bij de laatste betaling wordt betaald.

Om de uitkering te ontvangen, moet de werknemer ingeschreven zijn als werkzoekende en binnen 15 werkdagen (zon- en feestdagen niet meegerekend) de uitkering aanvragen bij het Arbeidsbureau. Er moet ook een activiteitenverbintenis worden ondertekend.

De periode begint te lopen vanaf het moment dat de werknemer de wettelijke status van werkloze verwerft, of, in voorkomend geval, wordt vrijgelaten of terugkeert uit het buitenland.

Indien het ontslag van de werknemer passend wordt verklaard, moet de registratie als werkzoekende binnen 15 werkdagen na de betekening van de straf worden gedaan en kan het verzoek binnen 15 dagen worden geformaliseerd.

Indien de werknemer de inschrijving of het verzoek niet binnen de gestelde termijn doet (behalve in geval van overmacht), verliest hij zoveel dagen aan recht op de uitkering als de mediaan tussen de datum waarop hij de uitkering had moeten doen en de datum van waarin hij zich als werkzoekende heeft ingeschreven en uw sollicitatie.

Als het ontslag van de werknemer als oneerlijk wordt beschouwd en hij ontvangt vervangingsloon, zal hij de uitkering ontvangen wanneer deze vervallen, zodat de werknemer niet tegelijkertijd vervangingsloon en werkloosheidsuitkering kan ontvangen.

10. Eenmalige betaling van een werkloosheidsuitkering

Het bestaat uit het in één keer ontvangen van het totale bedrag van de uitkering en is een maatregel ter bevordering van de werkgelegenheid. Om dit te doen, moet de werknemer zich inschrijven als zelfstandige of lid worden van een reeds bestaande of nieuw opgerichte aangesloten werkcoöperatie of een arbeidsvennootschap.

De vereisten om toegang te krijgen tot de eenmalige betaling zijn:

  • Een begunstigde zijn van een premievrije werkloosheidsuitkering en in afwachting zijn van de ontvangst van ten minste 3 maandelijkse betalingen.
  • In de afgelopen 4 jaar geen gebruik hebben gemaakt van dit recht.
  • Accreditatie van de opname als arbeidspartner bij een Coöperatie van Aanverwant Werk of Arbeidsvennootschap met een stabiel, niet-tijdelijk contract.
  • De activiteit niet starten vóór de aanvraag van de kapitalisatie van de uitkeringen. Als een rechtszaak die voortvloeit uit de beëindiging van de arbeidsovereenkomst die aanleiding geeft tot de uitkering in afwachting is van een oplossing, moet worden gewacht tot deze is afgerond voordat de bedrijfstoeslag wordt aangevraagd.
  • Werknemers die hun uitkering via deze eenmalige betalingsmethode ontvangen, kunnen deze niet opnieuw aanvragen totdat een tijd is verstreken die gelijk is aan de tijd die is verstreken om de kapitalisatie van de uitkering aan te vragen, noch kunnen ze een nieuwe kapitalisatie aanvragen gedurende minimaal 4 jaar.
  • De werknemer moet de arbeidsactiviteit binnen een maand na ontvangst van het bedrag van de uitkering aanvangen en dit bedrag eraan toekennen.

11. Schorsing van de werkloosheidsuitkering

De schorsing van het recht op een werkloosheidsuitkering impliceert de onderbreking van de betaling van uitkeringen en sociale zekerheidsbijdragen.

De oorzaken die deze schorsing kunnen motiveren zijn:

  • De overplaatsing van de begunstigde naar het buitenland om een baan of professionele verbetering uit te voeren voor een periode van minder dan 6 maanden.
  • De vervulling van een straf die vrijheidsbeneming inhoudt, tenzij hij gezinslasten heeft en geen gezinsinkomen had of heeft, het bedrag ervan in maandelijkse berekening niet hoger is dan het minimum interprofessioneel loon, met uitsluiting van het evenredige deel van de buitengewone betalingen; in deze gevallen blijft de werknemer de werkloosheidsuitkering ontvangen.
  • Het verrichten van arbeid als werknemer of als zelfstandige gedurende minder dan 12 maanden.
  • Het uitoefenen van een baan die niet onder de werkloosheidsuitkering valt.

Dat de werknemer is bestraft voor een kleine overtreding, waaronder:

  • Het niet verschijnen voor de beherende entiteit wanneer dit vereist is.
  • Het niet verlengen van de sollicitatie op de wijze en op de data bepaald door het Arbeidsbureau.
  • Het niet nakomen van de activiteitsverplichting.
  • Het niet binnen een termijn van 5 dagen terugsturen naar het Arbeidsbureau van het overeenkomstige bewijs dat men zich aangemeld heeft op de plaats en op de data die zijn aangegeven voor de vacatures waartoe zij zijn opgeroepen. In deze gevallen ziet de werknemer, naast het onderbreken van de inning van de uitkering, de duur van de erkende uitkering met één maand verkorten.

12. De hervatting van het recht op een uitkering

Aan het einde van de oorzaak die heeft geleid tot de schorsing van de uitkering en behalve in gevallen van schorsing wegens sanctie, moet de werknemer de hervatting van het recht op de uitkering aanvragen.

Indien de oorzaak van de schorsing het verrichten van arbeid gedurende minder dan 12 maanden was, moet de werknemer bewijzen dat hij/zij wettelijk werkloos is.

De hervatting veronderstelt het recht om de werkloosheidsuitkering te ontvangen voor de periode die nog in behandeling is en met de wettelijke basis en het percentage daarvan die overeenkwamen op het moment van de schorsing.

De werknemer moet de hervatting aanvragen binnen een termijn van 15 werkdagen vanaf het moment waarop de oorzaak van de schorsing ophield te bestaan.

Indien het verzoek wordt ingediend na de uiterste termijn (behalve in geval van overmacht), verliest de werknemer evenveel dagen recht op de uitkering als de mediaan tussen de datum waarop het verzoek had moeten worden ingediend en de datum waarop het daadwerkelijk werd ingediend. gemaakt.

In geval van schorsing wegens sanctie, wordt het recht hervat met het overeenkomstige percentage van de uitkering, rekening houdend met de ontvangen periode en de sanctieperiode.

13. Beëindiging van de werkloosheidsuitkering

Het recht op een werkloosheidsuitkering vervalt om de volgende redenen:

  • Het einde van de looptijd van de voorziening.
  • De verplaatsing van woonplaats naar het buitenland van de werknemer, behalve in gevallen waarin dit leidt tot de schorsing van de arbeidsovereenkomst.
  • Overlijden van de begunstigde.
  • Dat de begunstigde de ontvanger wordt van een ouderdoms- of invaliditeitspensioen (totale, absolute of ernstige invaliditeit)
  • Zelfstandige of die van iemand anders (in loondienst), met een duur gelijk aan of langer dan 12 maanden.
  • Naleving door de begunstigde van de gewone pensioenleeftijd, tenzij hij voor deze gebeurtenis geen recht heeft op een pensioen.
  • Vrijwillige afstand van het ontvangen van een werkloosheidsvergoeding.
  • De recidive van de werknemer bij het plegen van een kleine overtreding.

Het begaan door de werknemer van ernstige of zeer ernstige overtredingen, zoals bijvoorbeeld:

  • Maak de WW-uitkering verenigbaar met zelfstandige arbeid of arbeid, behalve in het geval van deeltijdwerk.
  • De afwijzing van passende werkaanbiedingen voor de werknemer of de weigering om deel te nemen aan sociaal samenwerkingswerk, werkgelegenheidsprogramma’s of aan professionele promotie-, opleidings- en omscholingsacties, tenzij er een gegronde reden is.
  • Het niet melden van subsidie-opnames wanneer zich situaties voordoen van schorsing of beëindiging van het recht, niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden voor ontvangst of wanneer de uitkering om deze reden ten onrechte is ontvangen.
  • Het frauduleus verkrijgen van onrechtmatige of hogere voordelen dan die welke overeenkomen.

14. Registratie op het werkloosheidskantoor

Om de werkloosheidsvergoeding te kunnen aanvragen moet de werknemer de volgende documenten voorleggen en dat binnen de 15 dagen na het begin van zijn werkloosheid:

  • Een ingevuld formulier (Mod. PR-AIN/03-279-S) binnenbrengen. Formulieren kunnen verkregen worden op de website of bij de provinciale Servicio Público de Empleo Estatal. Op dit formulier moet men zijn gezinslast en het inkomen van de gezinsleden vermelden. Daarnaast moet men zijn bankrekening voor de betaling van de vergoeding vermelden, de ondertekende activiteitsverbintenis en een toelating om bij belastingsdienst AEAT (Agencia Tributaria – belastingsdienst).
  • Een document van de voormalige werkgever over de voorbije zes maanden
  • Identiteitsdocument van de aanvrager en van de minderjarige kinderen die vermeld zijn op het aanvraagdocument.
  • Spaans identiteitsdocument (DNI or NIE)
  • Familie boekje (of gelijkaardig voor buitenlanders)

15. Werk zoeken in Spanje

Men kan werk zoeken op een aantal manieren zoals registratie op het werkloosheidskantoor, lezen van de lokale pers en een website van de Europese Gemeenschap, EURES.

Ontslag in Spanje

Het ontslag kent in het Spaans enkele omschrijvingen zoals despidos, ceses en dimisiones. De oorzaken die kunnen leiden tot beëindiging van het arbeidscontract zijn de volgende:

  1. Overmacht
  2. Collectief ontslag op grond van economische, technische of organisatorische productieredenen
  3. Disciplinair ontslag
  4. Objectieve oorzaken
  5. Het ontslag door de werknemer
  6. Contractuele inbreuken van de werkgever
  7. Wederzijdse overeenkomst
  8. De oorzaken vastgelegd in het contract
  9. De beëindiging van de overeengekomen duur of de uitvoering van het werk of dienst object van de overeenkomst
  10. Het overlijden, pensionering, volledige of absolute blijvende invaliditeit of ernstige invaliditeit van de werknemer
  11. Het overlijden, pensionering, arbeidsongeschiktheid van de werkgever (in persoon) of het verdwijnen van de rechtspersoonlijkheid van de vennootschap

1.De overmacht

Onder overmacht wordt verstaan die buitengewone, onvoorziene of onvermijdelijke gebeurtenissen die de uitvoering van het werk definitief onmogelijk maken (overstroming, brand, oorlogen, enz.)

De opzegging van overeenkomsten wegens overmacht moet door de desbetreffende instantie worden goedgekeurd na instructie van een dossier waarin zal worden nagegaan of genoemde oorzaken van overmacht zich hebben voorgedaan en of het al dan niet mogelijk is om de voortzetting van de dienstverlening door de arbeiders verder te zetten.

Deze procedure is zeer snel aangezien de arbeidsautoriteit binnen een termijn van 5 dagen moet beslissen of de beëindiging van arbeidsovereenkomsten al dan niet gepast is.

Beëindiging geeft de werknemer recht op een vergoeding van 20 dagen loon voor elk gewerkt jaar met een maximum van 12 maandelijkse betalingen. In bedrijven met minder dan 25 werknemers wordt 40% van deze vergoeding betaald door het Salarisgarantiefonds (FOGASA)

2. Collectief ontslag op grond van economische, technische of organisatorische productieredenen

Het is duidelijk dat deze economische, organisatorische of technische productieoorzaken samenvallen wanneer de toekomstige levensvatbaarheid van het bedrijf in gevaar is en men van mening is dat het collectieve ontslag van werknemers zal bijdragen tot het overwinnen van de toestand van “crisis”, of wanneer deze toekomstige levensvatbaarheid niet direct te herstellen is.

Voor deze doeleinden wordt ervan uitgegaan dat er sprake is van een negatieve economische situatie in de onderneming, wanneer verliezen of een aanhoudende daling van het inkomen of de omzet worden voorzien of bestaan, en in het laatste geval zal de daling aanhoudend 3 opeenvolgende kwartalen omvatten.

Om van collectief ontslag te kunnen spreken, is het vereist dat het in een periode van 90 dagen in ieder geval gevolgen heeft voor:

  • 10 werknemers, in bedrijven met minder dan 100 werknemers.
  • 10% van het aantal werknemers in het bedrijf met tussen de 100 en 300 werknemers.
  • 30 werknemers in bedrijven met 300 of meer werknemers.
  • Dat treft het gehele personeelsbestand van de onderneming, mits het aantal getroffenen groter is dan 5 in gevallen waarin het collectief ontslag plaatsvindt als gevolg van de totale bedrijfsbeëindiging om economische, technische, organisatorische of productie redenen.

Bij de berekening van het aantal getroffen werknemers tellen ook werknemers mee die door de werkgever zijn ontslagen naast het collectief ontslag, maar niet de werknemers van wie het contract werd beëindigd wegens beëindiging van de overeengekomen tijd, voltooiing van werk of dienst, interim, enzovoort.

Hoe wordt de procedure ontwikkeld?

Het dossier collectief ontslag of arbeidsreglement (ERE) moet voorafgegaan worden door een overlegperiode met de werknemersvertegenwoordigers van niet meer dan 30 kalenderdagen, of 15 in het geval van ondernemingen met minder dan 50 werknemers. Het overleg met de wettelijke vertegenwoordigers van de werknemers moet in ieder geval betrekking hebben op de mogelijkheden om collectief ontslag te vermijden of het aantal ontslagen te verminderen en de gevolgen ervan te minimaliseren door toevlucht te nemen tot begeleidende sociale maatregelen, zoals verplaatsing, opleiding of professionele omscholing.

De arbeidsautoriteit zal ervoor zorgen dat de consultatieperiode effectief is en kan de waarschuwingen geven die zij overweegt zonder het proces op te schorten. Na afloop van de consultatieperiode deelt de werkgever het resultaat mee aan de arbeidsdienst.

Als de arbeidsbeëindiging meer dan 50% van de werknemers treft, moet de werkgever en tegenover de vertegenwoordigers van de werknemers en de arbeidsautoriteit de verkoop van de activa van het bedrijf certificeren, behalve die welke het normale verkeer van het bedrijf vormen. In dit geval moeten de bedrijven (behalve die in faillissement) de getroffen werknemers een extern verhuisplan aanbieden via erkende verhuisbedrijven. Dit plan, dat is opgesteld voor een periode van minimaal 6 maanden, moet maatregelen voor beroepsopleiding en begeleiding aanbieden, er moet persoonlijke aandacht voor de betrokken werknemers zijn en het moet actief zoeken naar werk omvatten.

De wettelijke vertegenwoordigers van de werknemers hebben voorrang om in het bedrijf te blijven en dit voordeel kan worden uitgebreid tot andere groepen, zoals werknemers met gezinsverantwoordelijkheden, van een bepaalde leeftijd, met een handicap, enz.

De beslissing van het bedrijf kan collectief of individueel worden aangevochten voor de arbeidsrechtbank.

Bij collectief ontslag hebben werknemers recht op een vergoeding van 20 dagen loon per gewerkt jaar, met een maximum van 12 maandelijkse betalingen. In het geval van bedrijven met minder dan 25 werknemers, betaalt het Salarisgarantiefonds FOGASA 40% van het bedrag van deze vergoedingen.

3. Disciplinair ontslag

Het is de beëindiging van de arbeidsovereenkomst bij besluit van de werkgever ingegeven door een ernstige en verwijtbare schending van de verplichtingen van de werknemer.

De redenen die kunnen leiden tot ontslag zijn de volgende:

  • Herhaalde of ongerechtvaardigde afwezigheden of stiptheid
  • Er wordt aangenomen dat er een gebrek aan hulp is wanneer de werknemer de hele dag of een deel van de dag niet naar de werkplek gaat (zelfs als hij op de werkplek is).
  • Te laat komen wordt beschouwd als zowel te laat op het werk komen als te vroeg vertrekken. Om te weten hoeveel afwezigheden of stiptheid voldoende zijn om tot de beëindiging van de arbeidsovereenkomst te leiden, zal moeten voldaan worden aan wat hierover is geregeld in de toepasselijke CAO.

Ongedisciplineerdheid of ongehoorzaamheid

Ongehoorzaamheid is de schending van de bevelen en instructies van de werkgever of van de persoon aan wie hij managementfuncties delegeert, terwijl ongedisciplineerdheid wordt opgevat als de schending van de plicht tot zorgvuldigheid en samenwerking op het werk, dat wil zeggen ongehoorzaamheid, vergezeld van ongedisciplineerdheid manifesteert zich in directe confrontaties met de werkgever.

Er moet rekening worden gehouden met het feit dat de bevelen van de werkgever altijd moeten worden opgevolgd, ongeacht of de werknemer later een vordering tegen de werkgever kan instellen, behalve wanneer de naleving van het bevel onherstelbare schade aan de persoonlijke integriteit van de werknemer met zich meebrengt of een rechtsmisbruik vormt door de werknemer in welk geval de ongehoorzaamheid gerechtvaardigd is.

Verbale of lichamelijke misdrijven tegen de werkgever, de mensen die in het bedrijf werken of de familieleden die bij hen wonen

Het verbale misdrijf zal elke mondelinge of schriftelijke uitdrukking zijn die een moreel misdrijf veronderstelt voor de persoon die het ontvangt, en het fysieke misdrijf zal de aanval of fysieke agressie van de ene persoon op de andere veronderstellen, uitgevoerd door de werknemer zelf of zijn familieleden en omwille werk gerelateerde redenen.

Voor deze reden van ontslag is het niet van belang of men het er over eens is of genoemde strafbare feiten al dan niet op de werkplek en tijdens de werkdag of daarbuiten hebben plaatsgevonden.

Schending van contractuele goede trouw en misbruik van vertrouwen in de uitvoering van werk

Het veronderstelt misbruik van vertrouwen in de uitvoering van het werk door de werknemer en verwijst voornamelijk naar de schending van de verplichtingen van trouw, toewijding en loyaliteit, evenals die verplichtingen die vereist zijn in overeenstemming met de zakelijke belangen van het bedrijf.

Deze schending van contractuele goede trouw zal optreden in situaties van fraude, nalatigheid van de werknemer bij de uitvoering van hun taken, ontrouw aan de werkgever en de belangen van het bedrijf.

Aanhoudende en vrijwillige afname van de werkprestaties

Opdat deze oorzaak aanleiding zou kunnen geven tot disciplinair ontslag, is vereist dat er sprake is van een effectieve continue prestatievermindering en dat dit gebeurt door de keuze van de werknemer.

Gewone dronkenschap of drugsverslaving

Ze zijn reden voor ontslag zolang ze een negatieve invloed hebben op het werk.

Van zijn kant kan ongebruikelijke dronkenschap reden voor ontslag zijn als het gaat om ongehoorzaamheid of schending van de contractuele goede trouw, bijvoorbeeld in het geval van rijden onder invloed van alcohol of drugs.

Pesten op het werk

Het kan van raciale of etnische afkomst zijn, door religie of overtuiging, door handicap, leeftijd, seksuele intimidatie of op grond van geslacht, zowel voor de werkgever als voor de mensen die in het bedrijf werken.

Hoe verloopt de disciplinaire ontslagprocedure?

De onderneming beschikt over een termijn van 60 dagen om de werknemer te ontslaan in geval van zeer ernstige fouten, te rekenen vanaf de datum waarop zij kennis krijgt van de fout en in ieder geval 6 maanden vanaf het moment dat de fout zou zijn begaan.

Het ontslag moet schriftelijk aan de werknemer worden betekend, met vermelding van de feiten die het ontslag motiveren en de datum waarop het ingaat, hoewel andere formele vereisten kunnen worden vastgelegd in een collectieve overeenkomst.

Indien de werknemer een wettelijke vertegenwoordiger van de werknemers is, een vakbondsafgevaardigde of aangesloten is bij een vakbond, wordt een tegenstrijdig dossier geopend waarin de belanghebbende, de overige leden van de vertegenwoordiging waartoe hij behoort, of de vakbondsafgevaardigden hun argumenten kunnen uiten.

Als het ontslag wordt uitgevoerd zonder de bovenstaande vereisten in acht te nemen, is het ontslag nietig, zodat de werkgever binnen 20 dagen na de datum van het eerste ontslag een nieuw ontslag kan geven en moet hij het loon dat hij op de tussenliggende dagen heeft verdiend aan de werknemer ter beschikking stellen waarbij de werknemer ook moet worden ingeschreven bij de sociale zekerheid.

Het ontslag is ook nietig als het ontslag een van de oorzaken van discriminatie bevat die in de grondwet of de wet zijn verboden, of als het in strijd is met de fundamentele rechten en openbare vrijheden van de werknemer.

Eveneens wordt het ontslag nietig verklaard bij werknemers tijdens perioden van  schorsing van de arbeidsovereenkomst wegens geboorte, adoptie, voogdij met het oog op adoptie, pleegzorg, risico tijdens zwangerschap of risico tijdens borstvoeding of wegens ziektes veroorzaakt door zwangerschap, bevalling of natuurlijke lactatie, wanneer de verleende opzegtermijn binnen genoemde termijnen afloopt.

De werkgever zal overgaan tot de afwikkeling van de hangende bezoldiging van de werknemer door het opmaken van een afrekeningsbon waarin het openstaande loon moet staan, het evenredige deel van de buitengewone betalingen en de vakanties die de werknemer tot op heden niet heeft genoten. De ondertekening van deze schikking impliceert de aanvaarding van het ontslag door de werknemer, zodat hij er later geen aanspraak op kan maken.

In geval van nietig ontslag moet de werkgever de werknemers herbenoemen met uitbetaling van het niet ontvangen loon.

Wat kan de werknemer in deze gevallen doen?

Als u niet tevreden bent met de beslissing van de werkgever, moet u binnen 20 dagen na de datum van kennisgeving van de ontslagbrief een bemiddelingsformulier indienen bij de arbitrage- en bemiddelingsbemiddelingsdienst .

Het is altijd raadzaam om het advies van een advocaat in te winnen over de wenselijkheid en de wijze van indiening van genoemde bemiddelingsstemming of daaropvolgende juridische procedures.

4. Objectieve oorzaken

De objectieve redenen voor ontslag zijn:

De incompetentie van de werknemer

Het veronderstelt het gebrek aan kunde van de arbeider om de taken van zijn functie uit te voeren.

Om een oorzaak van beëindiging van de arbeidsrelatie te zijn, moet deze bekend zijn of zijn opgetreden na indienstneming.

Indien deze incompetentie bestond vóór het einde van de proefperiode, kan de werkgever dit niet aanwijzen als een reden voor beëindiging na het verstrijken van deze proefperiode.

Het gebrek aan aanpassing van de werknemer aan de technische wijzigingen van zijn baan

Om deze reden te laten slagen, is het noodzakelijk dat dergelijke wijzigingen redelijk zijn, rekening houdend met de kennis en vaardigheden van de werknemer, en dat de werknemer ten minste 2 maanden de tijd krijgt om zich aan deze wijzigingen aan te passen. Daarnaast moet het bedrijf de werknemer een omscholings- of beroepsverbeteringstraject aanbieden. Tijdens de ontwikkeling van de cursus wordt het contract opgeschort en blijft de werknemer het gemiddelde salaris ontvangen dat hij voordien heeft ontvangen.

De werkgever mag het gebrek aan aanpassing van de werknemer niet aanvoeren wanneer dit een gevolg is van de wijziging van de hem toevertrouwde functies.

Afschrijving van banen

Het contract kan worden beëindigd vanwege de bewezen noodzaak om de baan af te schaffen op basis van economische, technische, organisatorische en productieredenen.

De werkgever moet bewijzen dat het ontslagbesluit is genomen om negatieve economische situaties, moeilijkheden die de goede werking van het bedrijf in de weg staan, te helpen overwinnen. In deze gevallen hebben de werknemersvertegenwoordigers voorrang om in het bedrijf te blijven.

Om het ontslag geldig te laten zijn, is het noodzakelijk dat de opzeggingen in een periode van 90 dagen minder werknemers treffen dan:

  • 10 werknemers, in bedrijven met minder dan 100 werknemers.
  • 10% van het aantal werknemers in het bedrijf tussen 100 en 300 werknemers.
  • 30 werknemers in bedrijven met 300 of meer werknemers.

Wanneer de vennootschap in periodes van 90 opeenvolgende dagen en om collectief ontslag te vermijden, het contract om deze reden en in een aantal minder dan het aangegeven ontslag beëindigt, worden deze opzeggingen geacht in strijd met de wet te zijn gedaan en moeten deze ontslagen nietig worden verklaard.

Hoe verloopt de procedure van ontslag om objectieve redenen?

Om deze procedure van ontslag volledig effect te laten hebben, is het noodzakelijk:

  • Schriftelijk laten weten.
  • Dat de kennisgeving uiterlijk 15 dagen voor de datum waarop het ontslag ingaat, geschiedt.
  • Indien de werkgever deze opzegging niet inwilligt of verlaagt, moet hij de werknemer het bedrag van een maandelijkse betaling of de overeenkomstige dagen loon betalen totdat de 15 wettelijk vastgelegde dagen zijn verstreken.
  • Die vergoeding wordt aan de werknemer ter beschikking gesteld ten belope van 20 dagen loon voor elk dienstjaar met een maximum van één jaarloon.

Het besluit van de werkgever om de arbeidsovereenkomst te beëindigen is nietig indien:

  • Aan geen van de bovenstaande vereisten is voldaan, dat wil zeggen dat de werknemer niet op de hoogte wordt gesteld van de reden voor de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst of dat de vergoeding die wettelijk overeenstemt hem niet ter beschikking wordt gesteld. De betaling van voornoemde vergoeding vindt plaats op de datum waarop het ontslag ingaat. Een fout in de berekening van de vergoeding leidt niet tot vernietiging van het ontslag. De ontvangst door de werknemer van het bedrag dat hem als schadevergoeding is toegekend, houdt niet in dat hij instemt met het ontslag en dat hij ertegen kan vorderen voor de arbeidsrechtbank.
  • Wanneer het zich voordoet door discriminatie of met schending van fundamentele rechten en openbare vrijheden.
  • Bij beëindiging tijdens de periode van schorsing van de arbeidsverhouding wegens moederschap, risico bij zwangerschap, adoptie of pleegzorg.
  • Wanneer het een werknemer betreft die verlof heeft aangevraagd voor borstvoeding, wettelijke voogdij of zorg voor een familielid of verlof heeft aangevraagd om voor een kind of familielid te zorgen.

Van zijn kant heeft de werknemer recht op zes uur per week betaald verlof tijdens de opzeggingstermijn om een nieuwe baan te zoeken.

5. Het ontslag door de werknemer

De werknemer heeft de verplichting om aan de werkgever mee te delen dat hij de arbeidsverhouding wenst te beëindigen met de dagen die zijn voorzien in het contract of de collectieve overeenkomst, zonder dat de werknemer de reden hiervoor hoeft te rechtvaardigen.

Het ontbreken van deze opzegging kan aanleiding geven tot een economische sanctie voor de werknemer, bestaande in de korting bij zijn vereffening, van het bedrag van evenveel dagen loon als dagen van gebrek aan opzegging.

Het is erg belangrijk om te onthouden dat in het geval van ontslag, ook wel “vrijwillige beëindiging” genoemd, de werknemer niet in staat zal zijn om “werkloosheid te innen”, dat wil zeggen dat hij geen toegang zal hebben tot werkloosheidsuitkeringen.

6. Contractuele inbreuken van de werkgever

In tegenstelling tot het bovenstaande is het de werknemer die de beëindiging van zijn arbeidsrelatie aanvraagt om een van de volgende redenen:

  • Voor de substantiële wijziging van hun arbeidsvoorwaarden die een aantasting van de beroepsopleiding of de waardigheid van de werknemer met zich meebrengen.
  • Wegens wanbetaling of aanhoudende vertraging in de uitbetaling van het salaris. Er is geen reden voor opzegging als de werknemer en de werkgever vooraf zijn overeengekomen om de betaling uit te stellen of als de vertraging te wijten is aan het feit dat partijen het niet eens zijn over de hoogte van het loon. Bovendien, om aanleiding te geven tot ontslag, moet de vertraging of het uitblijven van betaling in de loop van de tijd worden voortgezet.
  • Voor elke andere ernstige schending van de verplichtingen van de werkgever, behalve in geval van overmacht. Deze gevallen omvatten de gevallen waarin, met een rechterlijke uitspraak waarin geografische mobiliteit en de substantiële wijziging van de arbeidsvoorwaarden ongerechtvaardigd worden verklaard, de werkgever weigert de werknemer weer in dienst te nemen.

Hoe wordt de beëindiging van de arbeidsovereenkomst op verzoek van de werknemer afgehandeld?

De werknemer kan de beëindiging van zijn arbeidsrelatie vragen bij de Sociale Rechtbank en zal recht hebben op de vergoeding die overeenkomt met het onredelijk verklaarde ontslag, dat wil zeggen 33 dagen loon voor elk werkjaar, met een maximum van 24 maandelijkse betalingen.

7. Wederzijds akkoord tussen de partijen

De werkgever en de werknemer kunnen op elk moment overeenkomen om de arbeidsovereenkomst te beëindigen en dit is geldig zolang de partijen er vrijelijk mee instemmen.

Normaal gesproken is het de werknemer die het ontslag aanvraagt ​​dat de werkgever accepteert.

Door ondertekening van de “schikking” zullen de verplichtingen tussen partijen worden vereffend (betaling van salarissen, betalingen, vakanties … enz.)

In deze gevallen bestaat er geen recht op enige vorm van compensatie .

8. De oorzaken vastgelegd in het contract

Deze oorzaken moeten door één van de partijen worden aangevoerd, omdat anders de overeenkomst wordt vermoed stilzwijgend voor onbepaalde tijd te zijn verlengd.

Deze oorzaken zijn niet geldig wanneer ze een duidelijk misbruik van rechten door de werkgever vormen, in welk geval de werknemer een vordering tot ontslag bij de arbeidsrechtbank kan indienen.

Normaal gesproken wordt onder deze naam meestal gesproken over het beëindigen van het contract in de proefperiode. Het geeft u in principe geen recht op compensatie of het innen van een WW-uitkering, behalve in bovenstaande omstandigheden.

9. De beëindiging van de overeengekomen duur of de uitvoering van het werk of dienst object van de overeenkomst

Als het contract langer dan een jaar heeft geduurd, moet het deel van het contract dat het wil beëindigen, dat wil zeggen zowel door de werknemer als de werkgever, dit minstens 15 dagen van tevoren melden.

Overeenkomsten voor bepaalde tijd die een vastgestelde maximale duur hebben, waaronder zogenaamde opleidingsovereenkomsten, die zijn aangegaan voor een duur die korter is dan de wettelijk vastgestelde maximumduur, worden geacht automatisch te worden verlengd tot die duur indien hun beëindiging of uitdrukkelijke verlenging niet plaatsvindt en de werknemer diensten blijft verlenen.

Aan het einde van het contract, behalve in het geval van tijdelijke contracten en opleidingscontracten, heeft de werknemer recht op een vergoeding die gelijk is aan het evenredige deel van het bedrag dat zou voortvloeien uit het betalen van 12 dagen loon voor elk jaar van dienst, of die, in voorkomend geval, in de toepasselijke overeenkomst is vastgelegd.

Na het verstrijken van de voornoemde maximale looptijd of de uitvoering van de specifieke werkzaamheden of dienst die het voorwerp van de overeenkomst waren, wordt, indien er geen klacht is en de dienstverlening voortduurt, de overeenkomst beschouwd als stilzwijgend verlengd voor onbepaalde tijd .

10. Het overlijden, pensionering, volledige of absolute blijvende invaliditeit of ernstige invaliditeit van de werknemer

Als de werknemer overlijdt, hebben zijn erfgenamen recht op de bedragen die op de datum van overlijden in afwachting waren van betaling door de werkgever.

Indien de werknemer in een toestand van volledige blijvende invaliditeit wordt verklaard, kan de onderneming de arbeidsverhouding beëindigen of hem in een nieuwe functie plaatsen die past bij zijn mate van invaliditeit.

In gevallen waarin er sprake is van een volledige, absolute of ernstige blijvende invaliditeit en de werknemer volledig of gedeeltelijk herstelt, heeft hij het recht om opnieuw in dienst te treden bij het bedrijf wanneer er een vacature is.

Pensioen van de werknemer

De arbeidsovereenkomst wordt beëindigd door de toegang van de werknemer tot het ouderdomspensioen.

De werkgever mag de werknemer niet dwingen om met pensioen te gaan omdat hij een bepaalde leeftijd heeft bereikt, tenzij in een collectieve overeenkomst een specifieke pensioenleeftijd was vastgelegd en de werknemer de nodige respijtperiode had afgelegd om de overeenkomstige uitkering te ontvangen.

De beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens pensionering van de werknemer geeft hem geen recht op enige vergoeding, tenzij deze is vastgelegd in een collectieve overeenkomst.

11. Het overlijden, pensionering, arbeidsongeschiktheid van de werkgever (in persoon) of het verdwijnen van de rechtspersoonlijkheid van de vennootschap

De beëindiging van de arbeidsovereenkomst wegens overlijden, pensionering of arbeidsongeschiktheid van de individuele ondernemer vindt plaats zolang niemand de bedrijfsactiviteit voortzet. In deze gevallen heeft de werknemer recht op een vergoeding van 1 maandsalaris.

De arbeidsongeschiktheid van de werkgever zal niet alleen betrekking hebben op de gevallen waarin er oorzaken zijn van burgerlijke onbekwaamheid en een gerechtelijke verklaring die daarop betrekking heeft, maar het zal voldoende zijn voor de werkgever om een kennelijk onvermogen om het bedrijf te besturen, voortkomend uit ziekte of ongeval, waardoor hij zijn leidinggevende functies niet meer kan uitoefenen .

In geval van tenietgaan van de rechtspersoonlijkheid van het bedrijf zal de goedkeuring van de Arbeidsautoriteit nodig zijn via het overeenkomstige arbeidsreglementaire dossier dat het bedrijf toelaat de arbeidsovereenkomsten te beëindigen.

In deze gevallen heeft de werknemer recht op een vergoeding van 20 dagen loon per gewerkt jaar, met een maximum van één jaar.

In elk geval is het meer dan handig om het advies van een advocaat in te winnen over de te volgen stappen of de juridische stappen die in elk specifiek geval moeten worden genomen.